De Raad Onderwijs, Jeugdzaken, Cultuur en Sport

Raad van de EU

De beleidsgebieden van de Raad Onderwijs, Jeugdzaken, Cultuur en Sport vallen onder de verantwoordelijkheid van de lidstaten. De rol van de EU wat betreft onderwijs, jeugdzaken, cultuur en sport bestaat er derhalve in een kader te bieden voor samenwerking tussen de lidstaten, met het oog op uitwisseling van informatie en ervaringen over aangelegenheden van gemeenschappelijk belang.

Hoe werkt de Raad Onderwijs, Jeugdzaken, Cultuur en Sport?

Deze Raad bestaat uit de ministers die bevoegd zijn voor onderwijs, cultuur, jeugdzaken, media, communicatie en sport uit alle EU-lidstaten. De juiste samenstelling hangt af van de onderwerpen die tijdens een concrete zitting aan bod komen.

De zittingen worden ook bijgewoond door een vertegenwoordiger van de Europese Commissie – doorgaans het lid bevoegd voor onderwijs, cultuur, meertaligheid en jeugdzaken.

De Raad Onderwijs, Jeugdzaken, Cultuur en Sport vergadert drie tot vier keer per jaar, waarvan tweemaal in de volledige samenstelling.

Over het beleid op het gebied van onderwijs, jeugdzaken, cultuur en sport

De Raad neemt voornamelijk stimuleringsmaatregelen en aanbevelingen aan. Niettemin kunnen de initiatieven waarover de Raad overeenstemming bereikt, zoals Erasmus+ of het programma Creatief Europa, zeer rechtstreekse gevolgen hebben voor de burgers van de EU. In sommige gevallen, als dat volgens de Verdragen mogelijk is, kan de Raad ook wetgeving aannemen. Dit is bijvoorbeeld mogelijk voor audiovisuele zaken en de wederzijdse erkenning van diploma's.

De Raad Onderwijs, Jeugdzaken, Cultuur en Sport is voorts nauw betrokken bij het monitoren van de vorderingen met de aspecten onderwijs en jeugd van de Europa 2020-strategie, bij het ontwikkelen van de bijdrage van de culturele sector aan een meer innovatief Europa, en bij het stimuleren van een maximale bijdrage van Europa's potentieel als wereldcentrum voor de productie van creatieve digitale inhoud aan de digitale agenda van de Europa 2020-strategie.

De EU wil met haar acties op het gebied van onderwijs, jeugdzaken, cultuur en sport Europa's cultureel erfgoed helpen bewaren, de culturele en creatieve sectoren van Europa steunen, de mobiliteit van studenten en docenten aanmoedigen en lichaamsbeweging en sociale inclusie door middel van sport bevorderen.

Prioriteiten van het Estse voorzitterschap

Het Estse voorzitterschap zal zich toeleggen op de veranderende rol van leren en lesgeven, en op de verhoudingen tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt. De aandacht zal vooral uitgaan naar de noodzaak om het onderwijs en de scholen te moderniseren in de context van een leven lang leren.

De verhouding tussen onderwijs en arbeidsmarkten moet worden versterkt. Scholen moeten rekening houden met de behoeften en bekwaamheden van hun leerlingen en studenten, en met de veranderingen in de arbeidswereld die door nieuwe technologieën worden teweeggebracht.

Wat betreft de herziening van de Europass-beschikking, zal het voorzitterschap ook streven naar een akkoord over de algemene oriëntatie op Raadsniveau.

Wat betreft jeugdzaken zullen de besprekingen over de volgende EU-strategie voor jongeren tijdens het Estse voorzitterschap verder aan vaart winnen. Het voorzitterschap wil jongeren meer mogelijkheden bieden om hun stem te laten horen in die besprekingen.

Daarnaast wil het voorzitterschap de schijnwerpers richten op de rol van vrijwillige activiteiten voor het bevorderen van de ontwikkeling van vaardigheden, inclusiviteit en actieve deelname aan de samenleving. Het wil vorderingen maken met de besprekingen over het Europees Solidariteitskorps.

In de culturele sector is de herziening van de richtlijn audiovisuele media van de EU één van de belangrijkste doelstellingen van het Estse voorzitterschap. Estland is ook van plan Raadsconclusies over toegang tot cultuur in het digitale tijdperk op te stellen, met de nadruk op publieksontwikkeling.

Op het gebied van sport wil het voorzitterschap Raadsconclusies aannemen over de rol van sportcoaches in de samenleving, en hun cruciale bijdrage in de verf zetten, want die gaat verder dan sport en lichaamsbeweging.