Wij gebruiken cookies om u zo goed mogelijk te helpen zoeken op onze website. Voor meer informatie kijkt u op how we use cookies and how you can change your settings.

Het voorzitterschap van de Raad van de EU

Raad van de EU

Een roulerend voorzitterschap

Het voorzitterschap van de Raad rouleert tussen de EU-lidstaten en wisselt halfjaarlijks. Elk voorzitterschap zit gedurende zijn halfjaar vergaderingen voor op elk niveau binnen de Raad, wat bijdraagt tot de continuïteit van de werkzaamheden van de EU in de Raad.

Er wordt nauw samengewerkt tussen telkens drie lidstaten die achtereenvolgens het voorzitterschap bekleden en die "trio" worden genoemd. Dit systeem werd in 2009 ingevoerd bij het Verdrag van Lissabon. Een trio bepaalt de doelstellingen op lange termijn en stelt een gemeenschappelijke agenda op met de onderwerpen en grote thema's die de Raad gedurende die 18 maanden zal behandelen. Op basis daarvan geeft elk van de 3 landen vervolgens nadere invulling aan zijn eigen halfjaarlijkse programma.

Het huidige trio bestaat uit het Nederlandse, het Slowaakse en het Maltese voorzitterschap. 

Het Nederlandse voorzitterschap van de Raad van de EU: 1 januari-30 juni 2016

Het Nederlandse voorzitterschap zet in zijn werkprogramma in op vier belangrijke gebieden: migratie en internationale veiligheid, stabiele financiën en een robuuste eurozone, Europa als innovator en banenmotor, en een toekomstgericht klimaat- en energiebeleid.

Het voorzitterschap wil een EU die zich concentreert op wat belangrijk is voor de Europese burgers en bedrijven, een EU die groei en banen creëert via innovatie, en een EU die in contact komt met het maatschappelijk middenveld. Het voorzitterschap zal maatregelen op EU-niveau enkel promoten als die efficiënter zijn dan het beleid op nationaal niveau.

Volg het voorzitterschap via:

Voorzitterschap van de Raad tot en met 2020

Nederland: januari-juni 2016
Slowakije: juli-december 2016
Malta: januari-juni 2017
Verenigd Koninkrijk: juli-december 2017
Estland: januari-juni 2018
Bulgarije: juli-december 2018
Oostenrijk: januari-juni 2019
Roemenië: juli-december 2019
Finland: januari-juni 2020

Taken van het voorzitterschap

Het voorzitterschap speelt een voortrekkersrol bij de werkzaamheden van de Raad inzake EU-wetgeving en zorgt daarbij voor de continuïteit van de EU-agenda, ordelijke wetgevingsprocessen en samenwerking tussen de lidstaten. Daarom moet het voorzitterschap optreden als een eerlijke en neutrale bemiddelaar.

Het voorzitterschap heeft 2 hoofdtaken:

1. Het plannen en voorzitten van Raadszittingen en vergaderingen van de voorbereidende instanties

Het voorzitterschap leidt de zittingen van de verschillende Raadsformaties (uitgezonderd de Raad Buitenlandse Zaken) en de vergaderingen van de voorbereidende Raadsinstanties, waaronder vaste comités (zoals het Comité van permanente vertegenwoordigers: het Coreper) en werkgroepen en comités die zeer specifieke onderwerpen behandelen.

Het voorzitterschap zorgt ervoor dat het reglement van orde en de werkmethoden van de Raad correct worden toegepast en dat de besprekingen ordelijk verlopen.

Daarnaast organiseert het voorzitterschap diverse formele en informele bijeenkomsten in Brussel en in eigen land.

2. Het vertegenwoordigen van de Raad in de betrekkingen met de andere EU-instellingen

Het voorzitterschap vertegenwoordigt de Raad in zijn betrekkingen met de andere EU‑instellingen, in het bijzonder met de Commissie en het Europees Parlement. Het is zijn taak te trachten overeenstemming over wetgevingsdossiers te bereiken via trialogen, informele onderhandelingen en vergaderingen van het bemiddelingscomité.

Het voorzitterschap werkt nauw samen met:

  • de voorzitter van de Europese Raad
  • de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

Het voorzitterschap ondersteunt hun werkzaamheden en kan soms worden verzocht bepaalde opdrachten uit te voeren voor de hoge vertegenwoordiger, zoals het vertegenwoordigen van de Raad Buitenlandse Zaken voor het Europees Parlement of het voorzitten van die Raad wanneer onderwerpen in verband met de gemeenschappelijke handelspolitiek aan de orde komen.