Eenparigheid van stemmen

Raad van de EU

Voor een aantal aangelegenheden die door de lidstaten als gevoelig worden beschouwd, geldt eenparigheid van stemmen. Bijvoorbeeld:

  • gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (behalve bepaalde duidelijk omschreven gevallen waarin een gekwalificeerde meerderheid vereist is, bijvoorbeeld de benoeming van een speciale vertegenwoordiger)
  • burgerschap (het verlenen van nieuwe rechten aan EU-burgers)
  • EU-lidmaatschap
  • harmonisatie van de nationale wetgevingen inzake indirecte belastingen
  • de financiële middelen van de EU (eigen middelen, meerjarig financieel kader)
  • een aantal regelingen op het gebied van justitie en binnenlandse zaken (de Europees openbaar aanklager, familierecht, operationele politiesamenwerking, enz.)
  • harmonisatie van de nationale wetgevingen op het gebied van sociale zekerheid en sociale bescherming.

Daarnaast is eenparigheid van stemmen in de Raad vereist wanneer hij van het Commissievoorstel wil afwijken maar de Commissie niet kan instemmen met de wijzigingen. Deze stemregel geldt niet voor besluiten die op basis van een aanbeveling van de Commissie door de Raad worden vastgesteld, bijvoorbeeld besluiten op het gebied van economische coördinatie.

Een stemonthouding vormt geen beletsel voor het aannemen van een besluit waarvoor eenparigheid van stemmen is vereist.