Hoe werkt het Europees semester?

Het semester werkt met een duidelijk tijdschema, volgens welk de lidstaten advies op EU-niveau ("richtsnoeren") krijgen en vervolgens hun beleidsplannen ("nationale hervormingsprogramma's" en "stabiliteits- of convergentieprogramma's") indienen, die op EU-niveau worden beoordeeld.

Na beoordeling van deze plannen krijgen de lidstaten individuele aanbevelingen ("landspecifieke aanbevelingen") voor hun nationaal begrotings- en hervormingsbeleid. Het is de bedoeling dat de lidstaten rekening houden met deze aanbevelingen wanneer zij hun begroting voor het komende jaar opstellen en wanneer zij besluiten nemen met betrekking tot hun economisch, werkgelegenheids-, onderwijs- en ander beleid.

Indien nodig krijgen zij ook aanbevelingen voor de correctie van macro-economische onevenwichtigheden.

Voorbereidingsfase: analyse van de situatie en follow-up van het voorgaande jaar

November en december

De Commissie komt met een jaarlijkse groeianalyse en een waarschuwingsmechanismeverslag voor het volgende jaar. Daarnaast doet zij een voorstel voor een aanbeveling van de Raad over het economisch beleid van de eurozone.

De jaarlijkse groeianalyse schetst de visie van de Commissie op de beleidsprioriteiten van de Unie voor het komende jaar. De lidstaten zouden met deze prioriteiten rekening dienen te houden bij het uitstippelen van hun economisch beleid voor het komende jaar.

In het waarschuwingsmechanismeverslag worden de macro-economische ontwikkelingen in de individuele lidstaten van de EU geëvalueerd.

Op basis van dat verslag kan de Commissie besluiten een diepgaande evaluatie van de situatie in de landen uit te voeren indien het risico op potentiële macro-economische onevenwichtigheden hoog wordt geacht.

Die evaluaties zijn bedoeld om potentiële macro-economische onevenwichtigheden te helpen opsporen, en om in voorkomend geval de precieze aard en omvang ervan te bepalen. Zij helpen de Commissie ook beleidsaanbevelingen tot de lidstaten te richten.

In de ontwerpaanbeveling over het economisch beleid van de eurozone wordt de lidstaten van de eurozone gevraagd beleidsmaatregelen uit te voeren die specifiek zijn voor hen als leden van de eurozone. Het doel is een betere integratie van de eurozone en de nationale aspecten van de economische governance van de Unie.

1e fase: sturing van het beleid op EU-niveau

Januari en februari

De Raad van de EU bespreekt de jaarlijkse groeianalyse, stelt algemene beleidsrichtsnoeren vast en neemt conclusies aan.

Daarnaast wordt de ontwerpaanbeveling van de Raad over het economisch beleid van de eurozone besproken, zo nodig gewijzigd, en goedgekeurd door de Raad.

Aangezien het semester gevolgen heeft voor een breed scala aan beleidsgebieden, wordt het door de Raad van de EU in verschillende formaties besproken.

Ook het Europees Parlement bespreekt de jaarlijkse groeianalyse en kan op eigen initiatief verslag uitbrengen. Het brengt advies uit over de werkgelegenheidsrichtsnoeren.

Daarnaast is het Parlement via de economische dialoog bij het semester betrokken. Het Europees Parlement kan de voorzitter van de Raad, de Commissie en, in voorkomend geval, de voorzitter van de Europese Raad of de voorzitter van de Eurogroep verzoeken om aangelegenheden in verband met het Europees semester te bespreken. Ook individuele lidstaten kan de mogelijkheid worden geboden om aan de gedachtewisseling deel te nemen.

Maart

Voor alle lidstaten die aan het Europees semester deelnemen, worden door de Commissie landenrapporten gepubliceerd. De landenrapporten bevatten diepgaande evaluaties van macro-economische onevenwichtigheden voor de lidstaten waar het risico op dergelijke onevenwichtigheden hoog werd geacht.

Op basis van die evaluaties kan de Commissie overgaan tot het opstellen van aanbevelingen aan de lidstaten om de vastgestelde onevenwichtigheden te corrigeren. Dat kan gebeuren op het ogenblik dat de diepgaande evaluatie wordt bekendgemaakt, of later, samen met andere landspecifieke aanbevelingen.

Op basis van de jaarlijkse groeianalyse en de analyses en conclusies van de Raad van de EU formuleert de Europese Raad beleidsoriëntaties.

De lidstaten dienen met deze oriëntaties en de bevindingen van de landenrapporten rekening te houden wanneer zij hun nationale stabiliteits- of convergentieprogramma's en hun nationale hervormingsprogramma's opstellen. De programma's geven in grote lijnen het begrotingsbeleid en het beleid ter bevordering van groei en concurrentievermogen van de lidstaten weer.

2e fase: landspecifieke doelstellingen, beleidsmaatregelen en plannen

April

De lidstaten dienen hun beleidsplannen in:

  • stabiliteits- en convergentieprogramma's, waarin de budgettaire middellangetermijnstrategie van de lidstaten wordt uiteengezet, en
  • nationale hervormingsprogramma's, waarin de structurele hervormingsplannen van de lidstaten worden uiteengezet, en waarin de nadruk wordt gelegd op het bevorderen van groei en werkgelegenheid

Het is de bedoeling dat de lidstaten hun programma's voor 15 april, en uiterlijk eind april, indienen.

Mei

De Europese Commissie evalueert de nationale beleidsplannen en formuleert landspecifieke ontwerpaanbevelingen.

Juni

De Raad van de EU bespreekt de voorgestelde landspecifieke aanbevelingen en legt de definitieve versie daarvan vast.

De Europese Raad bekrachtigt vervolgens de definitieve aanbevelingen.

Juli

De Raad van de EU neemt de landspecifieke aanbevelingen aan, en de lidstaten dienen deze uit te voeren.

3e fase: uitvoering

Juli - einde van het jaar

Tijdens de 2e helft van het jaar, ook wel "nationaal semester" genoemd, houden de lidstaten rekening met de aanbevelingen wanneer zij de nationale begroting voor het komende jaar opstellen.

De lidstaten in de eurozone moeten het ontwerp van hun begrotingsplan half oktober bij de Commissie en bij de Eurogroep ingediend hebben.

De lidstaten keuren hun nationale begroting aan het einde van het jaar goed.

Start van de volgende cyclus

De cyclus start opnieuw aan het eind van het jaar, wanneer de Commissie een overzicht van de economische situatie geeft in haar jaarlijkse groeianalyse voor het volgende jaar.

De Commissie begint met het bestuderen van de vooruitgang die individuele lidstaten met de uitvoering van de aanbevelingen hebben geboekt.