Juridische samenwerking
Het leven van de burgers vereenvoudigen: een Europa van recht en justitie
De oprichting van Eurojust in 2002 markeerde een versnelling van het justitiële samenwerkingsproces waartoe de Europese Raad van Tampere in 1999 had besloten. Het eveneens in 2002 door een kaderbesluit van de Raad ingestelde aanhoudingsbevel betekent een belangrijke stap voorwaarts bij de totstandbrenging van een Europees instrumentarium voor efficiënte samenwerking. Het programma van Stockholm dient ertoe deze verworvenheden verder te ontwikkelen:
■ Verder werken aan wederzijdse erkenning
In het strafrecht wordt een alomvattend systeem gepland ter vervanging van alle bestaande bewijsverkrijgingsinstrumenten, dat betrekking moet hebben op alle soorten bewijsmiddelen, vergezeld gaat van tenuitvoerleggingstermijnen en weigeringsgronden inperkt.
Het Verdrag van Lissabon biedt de mogelijkheid een Europees openbaar ministerie op de grondslag van Eurojust op te richten.
De wederzijdse erkenning wordt uitgebreid.
Wat de justitiële samenwerking betreft, biedt het besluit van de Raad van december 2008 inzake het versterken van Eurojust de kans om Eurojust in de komende jaren uit te bouwen, met name op het gebied van het instellen van onderzoeken en het regelen van competentieconflicten. Het Verdrag van Lissabon biedt voort de mogelijkheid een Europees openbaar ministerie op de grondslag van Eurojust op te richten.
Wat het burgerlijk recht betreft, wordt de afschaffing van intermediaire maatregelen (exequatur) tijdens de looptijd van het programma van Stockholm voortgezet. Dit proces gaat gepaard met een aantal waarborgen, onder meer met betrekking tot het procesrecht alsmede, in voorkomend geval, de regels die het recht bepalen dat van toepassing is op belangrijke gebieden in het leven van de burger, zoals echtscheiding. Voorts wordt de wederzijdse erkenning uitgebreid tot andere belangrijke gebieden, zoals erfenissen en testamenten, het huwelijksvermogensrecht en de vermogensrechtelijke gevolgen van een scheiding. Daarbij dient met de kenmerken der rechtsstelsels van elke lidstaat rekening te worden gehouden.
■ Het wederzijds vertrouwen vergroten
De Unie steunt de inspanningen van de lidstaten ter verbetering van de doelmatigheid van hun rechtsstelsels door de uitwisseling van goede praktijken en de ontwikkeling van innoverende projecten op het gebied van de modernisering van justitie te bevorderen. Dit vindt vooral plaats via de opleiding en de ontwikkeling van netwerken van hoge ambtenaren en magistraten.
■ Gemeenschappelijke voorschriften vaststellen
In het strafrecht gelden voor zeer zware delicten met een grensoverschrijdende dimensie gemeenschappelijke delictsomschrijvingen en gemeenschappelijke minimumnormen inzake maximumstraffen. Prioriteit wordt verleend aan terrorismebestrijding, drugs- en mensenhandel, seksuele uitbuiting van vrouwen en kinderen, kinderpornografie en cybercriminaliteit.
Op civielrechtelijk gebied zal de afschaffing van het exequatur gepaard gaan met een aantal waarborgen, in het bijzonder in verband met vonnissen bij verstek. Het kan daarbij met name gaan om maatregelen op het gebied van het procesrecht en de verwijzingsregels (zoals het recht gehoord te worden, de betekening en de kennisgeving van stukken, of het recht een erkenningsbeslissing te betwisten).
■ Nieuwe technologieën ten dienste van de burger en justitie
Het Europese portaal voor e-justitie vormt een uniek toegangspunt.
Het Europese e-justitieportaal biedt burgers en beoefenaars van juridische beroepen een uniek instrument om nuttige informatie te vinden en bepaalde zoekfuncties te gebruiken.
Dit vereenvoudigt de toegang voor de burger tot justitie en vormt verder een ondersteuning van de economische activiteit. Het gebruik van videoconferenties wordt bevorderd, bijvoorbeeld om slachtoffers soms moeilijke reizen te besparen. Met inachtneming van de regels inzake gegevensbescherming worden bepaalde nationale registers geleidelijk aan elkaar gekoppeld (zoals de insolventieregisters). Een aantal Europese en nationale grensoverschrijdende procedures kunnen online worden afgehandeld (bijvoorbeeld het Europees betalingsbevel). Het e-Justice-systeem wordt gedecentraliseerd beheerd, met toch het voordeel van een bepaalde coördinatie op Europees niveau.
■ Een grotere internationale rol van de Unie
Op civielrechtelijk gebied zet de Unie, dankzij haar lidmaatschap van de Haagse conferentie voor internationaal privaatrecht, zich actief in om de verdragen door zoveel mogelijk staten te laten bekrachtigen. Op strafrechtelijk gebied zet de Unie zich actief in voor een zo ruim mogelijke toetreding van de partnerlanden tot de belangrijkste verdragen en helpt zij andere staten zoveel mogelijk bij de correcte implementatie van deze verdragen.
De instellingen van de Unie zorgen voor de samenhang tussen de internationale rechtsorde en die van de Unie. Met name moet de grootst mogelijke synergie met de werkzaamheden van de Raad van Europa worden gewaarborgd.