- Persmededeling
- 17 juni 2016
- 16:30
Conclusies van de Raad over een routekaart voor de voltooiing van de bankenunie
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE:
1. MEMOREERT dat er de afgelopen jaren met een ongekende snelheid belangrijke stappen zijn gezet om de bankenunie tot stand te brengen. Na een brede beoordeling van alle belangrijke kredietinstellingen in de bankenunie is het gemeenschappelijk toezichtsmechanisme in 2014 volledig ingesteld en is het gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme in 2016 operationeel geworden.
2. HERINNERT ER voorts AAN dat bijna alle lidstaten de desbetreffende wettelijke bepalingen van het ene rulebook in nationaal recht hebben omgezet en uitgevoerd. Dat heeft gezorgd voor consequentere regelgeving en kwaliteitstoezicht in de hele EU door: strengere prudentiële vereisten voor banken, die zijn ingesteld in het kader van de richtlijn en de verordening kapitaalvereisten (CRD IV/CRR); een nieuw kader voor herstel en afwikkeling van banken, dat is ingesteld op grond van de richtlijn herstel en afwikkeling van banken (BRRD); de verbeterde werking van de nationale depositogarantiestelsels (DGS's) dankzij de richtlijn depositogarantiestelsels (DGSD).
3. HERHAALT, wat het GAF betreft, dat de deelnemende lidstaten op 8 december 2015 hebben ingestemd met een geharmoniseerde leningfaciliteitovereenkomst met de gemeenschappelijke afwikkelingsraad (GAR), waardoor aan de GAR nationale kredietlijnen worden verstrekt om de nationale compartimenten van het GAF te ondersteunen in geval van eventuele financieringstekorten in dat compartiment na de afwikkeling van banken tijdens de overgangsperiode. Alle lidstaten die de leningfaciliteitovereenkomst met de GAR nog niet hebben ondertekend, verplichten zich ertoe dat zo spoedig mogelijk doen, uiterlijk eind september 2016.
4. IS VAN OORDEEL dat deze verwezenlijkingen, gecombineerd met de maatregelen van de ECB en nationale maatregelen, aanzienlijk hebben bijgedragen aan de financiële stabiliteit en aan het feit dat de fragmentatie van de financiële markten is gekeerd, het morele risico is verkleind en het risico van betrokkenheid van openbare financiële middelen is afgenomen.
5. BEVESTIGT ANDERMAAL, op basis van de belangrijke vorderingen die zijn gemaakt en in de context van de verdieping van de economische en monetaire unie, het belang van de bankenunie en de voltooiing ervan.
6. BESEFT dat daartoe, in de aangewezen volgorde, verdere stappen moeten worden ondernomen met betrekking tot het verminderen en delen van risico's in de financiële sector, teneinde een aantal resterende uitdagingen aan te gaan.
7. ONDERSTREEPT het belang van de werkzaamheden die door verscheidene instellingen zijn verricht in de bankenunie, de EU28 en op internationaal niveau, in het bijzonder de werkzaamheden van de Commissie om:
a) wijzigingen in het wetgevingskader voor te stellen om uitvoering te geven aan de norm inzake het totale verliesabsorberend vermogen (TLAC) en het minimumvereiste voor eigen vermogen en in aanmerking komende passiva (MREL) opnieuw te bezien. De Raad zal trachten te zorgen voor consistente regels en passende bedragen voor buffers om een bail-in mogelijk te maken, die bijdragen tot een efficiënt en ordelijk afwikkelingsproces overeenkomstig de BRRD voor alle kredietinstellingen waarvoor een bail-in de gevalideerde afwikkelingsstrategie zou zijn;
b) een voorstel te doen voor een gemeenschappelijke aanpak van de bankcrediteurenhiërarchie, met als doel de rechtszekerheid bij afwikkeling te vergroten.
c) wijzigingen in CRR/CRD IV voor te stellen in het kader van een algehele evaluatie, die zouden leiden tot:
i. een harmonisatie of verdere specificatie van de mogelijkheden en nationale discretionaire bevoegdheden (OND's) die aan de lidstaten worden geboden, hetgeen ook zou kunnen bijdragen tot de doelstelling inzake vermindering van de fragmentatie van de financiële markten;
ii. de uitvoering en voltooiing van de resterende Bazelhervormingen, waaronder de invoering van een hefboomratio, die mogelijk op meer dan 3% wordt vastgesteld voor systeembanken, en de invoering van een netto stabiele financieringsratio;
d) te komen met een wetgevingsvoorstel voor de minimumharmonisatie op het gebied van het insolventierecht in het kader van de kapitaalmarktenunie (KMU), dat tevens kan dienen ter ondersteuning van inspanningen om toekomstige niveaus van oninbare leningen te verlagen;
e) verder na te gaan of en hoe een harmonisatie van de regels en de toepassing van moratoriuminstrumenten kan bijdragen tot de stabilisatie door de betrokken autoriteiten van een instelling in de periode voor, en eventueel na, een interventie.
8. ONDERSTREEPT in dit verband de volgende belangrijke stappen:
a) De Raad verzoekt de Commissie om de in de punt 7 bedoelde voorstellen met betrekking tot banken zo spoedig mogelijk, en uiterlijk eind 2016, in te dienen. Op die basis zal de Raad onmiddellijk technische besprekingen starten met het oog op een spoedige uitvoering. De Raad onderstreept hoe belangrijk het is dat specifieke Europese kenmerken in overweging worden genomen bij het implementeren van mondiale regelgevingsnormen, waaronder de Bazelnormen, in de EU;
b) Wat het gemeenschappelijk achtervangmechanisme voor het gemeenschappelijk afwikkelingsfonds betreft, neemt de Raad nota van het voornemen van de lidstaten om in september 2016 met de werkzaamheden te beginnen, indien en wanneer alle deelnemende lidstaten de BRRD volledig hebben omgezet. In dit verband zal de Raad tevens de balans opmaken van de regelingen voor overbruggingsfinanciering, erop wijzend dat de deelnemende lidstaten tegen die tijd de leningfaciliteitovereenkomst moeten hebben ondertekend. Hij bevestigt andermaal dat het gemeenschappelijk achtervangmechanisme uiterlijk aan het eind van de overgangsperiode volledig operationeel moet zijn. Na voltooiing van de werkzaamheden kan ertoe worden besloten, conform de in punt a) vermelde risicoverminderingsmaatregelen, om het achtervangmechanisme voor het eind van de overgangsperiode operationeel te laten worden;[1]
c) Wat de behandeling in de regelgeving van blootstellingen aan staatsschulden betreft, stemt de Raad ermee in te wachten op de resultaten van het Bazels Comité. In aansluiting op de werkzaamheden van het Bazels Comité zal de Raad zich beraden op eventuele volgende stappen in de Europese context;
d) Met betrekking tot een Europees depositoverzekeringsstelsel (EDIS) zal de Raad de constructieve werkzaamheden op technisch niveau voortzetten. De onderhandelingen op politiek niveau zullen van start gaan zodra er voldoende verdere vooruitgang is geboekt met de maatregelen inzake risicovermindering, zoals hierboven vermeld. In dit verband neemt de Raad nota van het voornemen van de lidstaten een beroep te doen op een intergouvernementele overeenkomst wanneer de politieke onderhandelingen over EDIS beginnen;
e) De Raad zal jaarlijks de vorderingen met bovengenoemde maatregelen ter voltooiing van de bankenunie evalueren.
9. BEVESTIGT ANDERMAAL dat de besprekingen over maatregelen die voor alle lidstaten relevant zijn, op het niveau van de EU28 blijven plaatsvinden om te waarborgen dat de bankenunie blijft openstaan voor alle lidstaten, en om de eengemaakte markt binnen de EU te beschermen.
[1] Regelingen betreffende het achtervangmechanisme voor het gemeenschappelijk afwikkelingsfonds zullen op de middellange termijn begrotingsneutraal zijn, ervoor zorgen dat alle deelnemende lidstaten op gelijke voet worden behandeld en er geen kosten ontstaan voor lidstaten die niet aan de bankenunie deelnemen.
Naar de bladzijde "Vergaderingen"Persverantwoordelijke
- Lidija Tisma
- +32 2 281 79 14
- +32 476 77 01 96
Bent u geen journalist? Gelieve uw verzoek naar de dienst Voorlichting te sturen.