• Raad van de EU
  • Persmededeling
  • 15 oktober 2019
  • 01:15

Oostzee: akkoord in de Raad over vangstbeperkingen voor 2020

De Raad is het eens geworden over de totaal toegestane vangsten (TAC's) en nationale quota voor volgend jaar voor de 10 in commercieel opzicht belangrijkste visbestanden in de Oostzee. In deze overeenkomst wordt daarom bepaald hoeveel Europese vissers zullen kunnen vissen en onder welke voorwaarden.

Volgens recent wetenschappelijke advies zijn de bestanden in de Oostzee er slecht aan toe. Daarom heeft de Raad besloten de vangstmogelijkheden voor het merendeel van de visbestanden te verlagen. De TAC’s werden alleen voor haring in de Golf van Riga licht verhoogd en werden voor zalm in de Finse Golfgehandhaafd.

De verlagingen waren vooral aanzienlijk voor kabeljauw, met een daling van 60 % in het westelijk deel van de Oostzee, en de toestemming om alleen bijvangsten in het oostelijk deel van de Oostzee te hebben.

Jari Leppä, Minister van Land- en Bosbouw van Finland en voorzitter van de Raad

Er moesten enkele moedige besluiten worden genomen om de gezondheid van de visbestanden en de duurzaamheid van de visserij in de Oostzee te waarborgen. Het akkoord van vandaag maakt niet alleen een herstel van de bestanden mogelijk, maar helpt ook de sociaal-economische gevolgen voor de vissers in de EU te verzachten.

Jari Leppä, Minister van Land- en Bosbouw van Finland en voorzitter van de Raad

Het akkoord in detail

De afgesproken hoeveelheden, die gebaseerd zijn op een voorstel van de Commissie, sluiten aan bij de doelstellingen van het gemeenschappelijk visserijbeleid (GVB), zoals het realiseren van een MDO, en bij wetenschappelijk advies, in het bijzonder het advies van de Internationale Raad voor het onderzoek van de zee (ICES). De afspraken van het meerjarenplan voor de Oostzee zijn eveneens nauw opgevolgd.

Naast de vaststelling van de TAC’s en de nationale quota voor sommige soorten, heeft de Raad een akkoord bereikt over aanvullende maatregelen voor de kabeljauwbestanden, zoals:

- striktere limieten voor de recreatievisserij (meeneemlimieten van in de regel 5 exemplaren per visser per dag)

- langere sluitingsperioden in de deelsectoren 25 en 26 (van 1 mei tot en met 31 augustus), in de deelsectoren 22‑23 (van 1 februari tot en met 31 maart) en in deelsector 24 (van 1 juni tot en met 31 juli)

Aangezien de grote verlagingen van de vangstmogelijkheden negatieve sociaal-economische gevolgen zullen hebben voor de betrokken visserijtakken, hebben de lidstaten in de Oostzee en de Commissie het belang van een goed beheer van de crisis benadrukt.

Via Baltfish is er op regionaal niveau voorbereidend werk verricht om snel tot een akkoord te komen. Baltfish is een discussieplatform voor belangrijke visserijvraagstukken in de Oostzee, waarvan Finland momenteel het voorzitterschap bekleedt.

Volgende stappen

Dit punt wordt formeel door de Raad goedgekeurd volgens de schriftelijke procedure.

Achtergrond

De besprekingen van vandaag waren gebaseerd op een voorstel van de Commissie overeenkomstig artikel 43, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) als rechtsgrondslag. Volgens dit artikel moet de Raad maatregelen aannemen voor de vaststelling en verdeling van de vangstmogelijkheden in het kader van het GVB. Voor de aanneming van deze verordening zijn het advies van het Europees Parlement en het advies van het Economisch en Sociaal Comité daarom niet vereist.

Persverantwoordelijke

Assen Indjiev
Persvoorlichter
+32 2 281 68 14
+32 470 46 17 15