Skip to content
  • Europese Raad
  • Verklaring en opmerkingen
  • 3 februari 2017 12:36

Verklaring van Malta van de leden van de Europese Raad over de externe aspecten van migratie: aanpakken van de route door het centrale Middellandse Zeegebied

1. Wij verwelkomen en steunen de inspanningen die het Maltese voorzitterschap zich getroost om werk te maken van alle onderdelen van het integrale migratiebeleid van de EU. We bevestigen onze vastbeslotenheid om op te treden met volledige inachtneming van de mensenrechten, het internationaal recht en de Europese waarden, en in samenwerking met het UNHCR en de IOM.

2. Een essentieel onderdeel van een duurzaam migratiebeleid is het garanderen van doeltreffende controle op onze buitengrenzen en een indamming van illegale migratiestromen naar de EU. Het aantal aankomsten daalde in 2016 tot een derde van het niveau van 2015. Hoewel de druk aanhoudt, is het aantal aankomsten via de route door het oostelijke Middellandse Zeegebied in de laatste vier maanden van 2016 met 98 % gedaald in vergelijking met dezelfde periode een jaar eerder. Wij blijven gehecht aan de verklaring EU-Turkije en de volledige en niet-discriminatoire uitvoering van alle aspecten ervan, alsmede aan de voortzetting van de steun voor de landen op de Westelijke Balkanroute.

3. In 2016 zijn via de route door het centrale Middellandse Zeegebied echter meer dan 181 000 aankomsten vastgesteld, terwijl het aantal op zee vermiste of omgekomen personen sedert 2013 jaar na jaar een nieuw record bereikt. Aangezien in 2017 reeds honderden mensen het leven hebben verloren en het voorjaar eraan komt, zijn wij vastbesloten aanvullende maatregelen te nemen om de migratiestromen langs de route door het centrale Middellandse Zeegebied aanzienlijk te verminderen en het bedrijfsmodel van mensensmokkelaars te ontwrichten, en tegelijkertijd waakzaam te blijven met betrekking tot de route door het oostelijke Middellandse Zeegebied en andere routes. Wij zullen intensiever gaan samenwerken met Libië, dat het belangrijkste land van vertrek is, alsook met Libiës buurlanden in Noord-Afrika en ten zuiden van de Sahara.

4. Het partnerschapskader en het actieplan van Valletta hebben ons in staat gesteld om door middel van een solide partnerschap op basis van wederzijds vertrouwen de samenwerking op lange termijn met een aantal partnerlanden te verdiepen, onder meer inzake de diepere oorzaken van migratie. Al dit werk werpt reeds vruchten af en zal worden geïntensiveerd. Tegelijkertijd is de situatie zo dringend dat er onmiddellijk bijkomende operationele maatregelen moeten worden genomen op regionaal niveau, waarbij er op elk punt een pragmatische en soepele aanpak op maat moet worden gevolgd waarbij alle landen langs de migratieroute moeten worden betrokken. In dit verband zijn wij ingenomen met de gezamenlijke mededeling van de Commissie en de hoge vertegenwoordiger getiteld: "Migratie langs de centrale Middellandse Zeeroute - Migrantenstromen beheersen en levens redden".

5. De inspanningen om Libië te stabiliseren zijn nu belangrijker dan ooit, en de EU zal alles in het werk stellen om tot de verwezenlijking van die doelstelling bij te dragen. In Libië is capaciteitsopbouw van cruciaal belang om de autoriteiten in staat te stellen controle te verwerven over de land- en zeegrenzen en de doorvoer- en smokkelactiviteiten te bestrijden. De EU blijft zich inzetten voor een inclusieve politieke oplossing in het kader van het politieke akkoord over Libië, en voor steun aan de presidentiële raad en de door de Verenigde Naties gesteunde regering van nationale overeenstemming. De EU en de lidstaten zullen waar mogelijk ook meer samenwerken met en bijstand verlenen aan de Libische lokale en regionale gemeenschappen en met de internationale organisaties die in het land actief zijn.

6. Aan onderstaande elementen zal voorrang worden gegeven:

a. opleiding, uitrusting en steun voor de Libische nationale kustwacht en andere relevante instanties. Aanvullende opleidingsprogramma’s van de EU moeten zo snel mogelijk worden versterkt, zowel qua intensiteit als qua aantallen, te beginnen met de reeds in het kader van operation SOPHIA bestaande programma’s en voortbouwend op de daarbij opgedane ervaring. Er moet een duurzame en voorspelbare financiering en planning voor deze activiteiten komen, onder meer via het Seahorse-netwerk Middellandse Zee;

b. verdere inspanningen gericht op het ontwrichten van het bedrijfsmodel van smokkelaars via versterkte operationele acties, in het kader van een geïntegreerde aanpak waarin Libië en andere landen op de route en relevante internationale partners een rol spelen, evenals geëngageerde lidstaten, GVDB-missies en -operaties, Europol en de Europese grens- en kustwacht;

c. indien mogelijk ondersteuning bieden voor de ontwikkeling van plaatselijke gemeenschappen in Libië, met name in kustgebieden en aan de Libische landgrenzen op de migratieroutes, ter verbetering van hun sociaal-economische situatie en ter vergroting van hun veerkracht als gastgemeenschappen;

d. zorgen voor adequate opvangcapaciteit en -omstandigheden in Libië voor migranten, samen met het UNHCR en de IOM;

e. de IOM helpen om het aantal gevallen van gefaciliteerde vrijwillige terugkeer te verhogen;

f. verbetering van voorlichtingscampagnes en initiatieven gericht op migranten in Libië en in landen van herkomst en doorreis, in samenwerking met lokale actoren en internationale organisaties, in het bijzonder gericht tegen het bedrijfsmodel van mensensmokkelaars;

g. helpen de druk op Libiës landgrenzen te verminderen door samen te werken met de Libische autoriteiten en met alle buurlanden van Libië, onder meer door de ondersteuning van projecten die de Libische grensbeheerscapaciteit verbeteren;

h. alternatieve routes en mogelijke omleiding van smokkelaarsactiviteiten in de gaten houden, door middel van samenwerkingsinspanningen met de buurlanden van Libië en de landen van het partnerschapskader, met de steun van de lidstaten en de relevante EU-agentschappen en door het beschikbaar maken van alle noodzakelijke bewakingsinstrumenten;

i. verdere ondersteuning van inspanningen en initiatieven van individuele lidstaten die zich rechtstreeks bezighouden met Libië; de EU spreekt in dit verband haar waardering uit voor het memorandum van overeenstemming dat op 2 februari 2017 door de Italiaanse autoriteiten en voorzitter van de presidentiële raad al-Serraj is ondertekend, en verklaart zich bereid Italië te steunen bij de uitvoering ervan;

j. verdieping van de dialoog en de samenwerking inzake migratie met alle buurlanden van Libië, onder meer een betere operationele samenwerking met de lidstaten en de Europese grens- en kustwacht wat betreft het voorkomen van afreizen en het beheren van terugkeeroperaties.

7. Voor deze doelstellingen zullen de benodigde middelen worden verstrekt. In overeenstemming met het actieplan van Valletta versterkt de Europese Unie de mainstreaming van migratie in haar officiële ontwikkelingshulp voor Afrika, die tijdens dit boekjaar 31 miljard EUR bedraagt. Sommige van de hierboven bedoelde acties kunnen worden gefinancierd in het kader van reeds lopende projecten, met name eventueel projecten die worden gefinancierd uit het EU-trustfonds voor Afrika, dat 1,8 miljard EUR uit de EU-begroting beschikbaar stelt en 152 miljoen EUR uit bijdragen van de lidstaten. Om de meest dringende financieringsbehoeften op dit moment en in de loop van 2017 te dekken, verwelkomen we het besluit van de Commissie om als eerste stap 200 miljoen EUR extra uit te trekken voor het Noord-Afrikaanse onderdeel van het fonds en voorrang te geven aan migratieprojecten met betrekking tot Libië.

8. Wij zullen ons externe migratiebeleid verder ontwikkelen om het crisisbestendig te maken. Wij zullen mogelijke hindernissen met betrekking tot, bijvoorbeeld, te vervullen terugkeervoorwaarden in kaart brengen en de terugkeercapaciteit van de EU versterken, met inachtneming van het internationaal recht. Wij zijn ingenomen met het voornemen van de Commissie om spoedig als eerste stap een geactualiseerd actieplan inzake terugkeer te presenteren en een leidraad te bieden voor meer operationele terugkeeracties door de EU en de lidstaten en daadwerkelijke overname op basis van het bestaande acquis. 

9. Wij zijn het erover eens dat wij snel en vastberaden moeten handelen om de doelstellingen in deze verklaring te verwezenlijken, en roepen alle actoren op daaraan te werken. Wij zijn verheugd over het voornemen van het Maltese voorzitterschap om, in nauwe samenwerking met de Commissie en de hoge vertegenwoordiger, zo spoedig mogelijk een concreet uitvoeringsplan met dat doel aan de Raad voor te stellen, de werkzaamheden voort te zetten en ervoor te zorgen dat de resultaten van nabij worden gevolgd. De Europese Raad zal de vorderingen met de algemene aanpak tijdens zijn bijeenkomsten in maart en in juni evalueren op basis van een verslag van het Maltese voorzitterschap.

Naar de pagina "Vergaderingen"

Persverantwoordelijke

Bent u geen journalist? Gelieve uw verzoek naar de dienst Voorlichting te sturen.

Laatst bijgewerkt: 24 januari 2025