- Raad van de Europese Unie
- Persmededeling
- 9 oktober 2015 11:00
Gegevensbescherming in het kader van politiële en justitiële samenwerking in strafzaken: besprekingen tussen Raad en EP binnenkort van start
De Raad is het op 9 oktober 2015 eens geworden over zijn onderhandelingsstandpunt met betrekking tot de ontwerprichtlijn gegevensbescherming. Het doel van de ontwerprichtlijn is de bescherming van persoonsgegevens die worden verwerkt met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten, de tenuitvoerlegging van straffen, en de bescherming tegen en de voorkoming van dreigingen voor de openbare veiligheid. Dankzij deze overeenstemming kan het Luxemburgse voorzitterschap ook over dit gedeelte van het gegevensbeschermingspakket besprekingen met het Europees Parlement aanvatten. Het andere gedeelte van het pakket is de algemene verordening gegevensbescherming. De besprekingen met het Parlement over die verordening zijn al van start gegaan, nadat de Raad op 15 juni 2015 overeenstemming over zijn standpunt had bereikt. Er is reeds contact opgenomen met het Europees Parlement om een eerste trialoog te organiseren, opdat eind dit jaar een akkoord over het gehele gegevensbeschermingspakket kan worden bereikt.
"Het akkoord van vandaag is een cruciale stap met het oog op de voltooiing van de hervorming van de EU‑regels inzake gegevensbescherming tegen het einde van het jaar",
aldus Félix Braz, minister van Justitie van Luxemburg en voorzitter van de Raad
Doelstelling van de ontwerprichtlijn is een hoge mate van bescherming van persoonsgegevens te garanderen, en de uitwisseling van persoonsgegevens tussen rechtshandhavingsautoriteiten binnen de Europese Unie te faciliteren. De bescherming van personen in verband met de verwerking van hun persoonsgegevens is een grondrecht dat is vastgelegd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie en in het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
De nieuwe richtlijn zal gelden voor zowel de grensoverschrijdende verwerking van persoonsgegevens als de verwerking van persoonsgegevens door de politiële en justitiële autoriteiten louter op nationaal niveau. "Dit toepassingsgebied is van essentieel belang met het oog op een integraal kader inzake gegevensbescherming voor burgers en autoriteiten in alle 28 lidstaten", verklaarde Félix Braz. De huidige EU‑regels zijn daarentegen uitsluitend van toepassing op de grensoverschrijdende doorgifte van persoonsgegevens. Dit heeft voor politiële en andere rechtshandhavingsautoriteiten problemen opgeleverd qua justitiële samenwerking in strafzaken en politiële samenwerking. De nieuwe regels zullen het wederzijds vertrouwen tussen politiële en justitiële autoriteiten binnen de EU vergroten.
De beginselen die in de ontwerprichtlijn zijn vastgelegd, zijn in overeenstemming met de huidige regels. Zo hebben de lidstaten nog altijd de mogelijkheid om uitgebreidere waarborgen te bieden dan die waarin de richtlijn voorziet. In vergelijking met de huidige regels is het toepassingsgebied van de ontwerprichtlijn uitgebreid, want zij bestrijkt ook de bescherming tegen en de voorkoming van dreigingen voor de openbare veiligheid. De doorgifte van persoonsgegevens aan derde landen of internationale organisaties zal voort onder de regels blijven vallen. De toezichthoudende autoriteit die bij de algemene verordening gegevensbescherming wordt ingesteld, zou zich ook kunnen bezighouden met aangelegenheden die onder de richtlijn vallen. De nieuwe richtlijn zal betrokkenen tevens een recht op compensatie toekennen indien zij schade lijden ten gevolge van een onrechtmatige verwerking van gegevens.
Persverantwoordelijke
-
Laura Bérard Press officer
- +32 471 33 09 49
- +32 2 281 57 95
Bent u geen journalist? Gelieve uw verzoek naar de dienst Voorlichting te sturen.
Laatst bijgewerkt: 13 januari 2024