Skip to content
  • Raad van de Europese Unie
  • Persmededeling
  • 21 februari 2017 11:00

Ontwijking van vennootschapsbelasting: Raad bepaalt standpunt over hybridemismatches

Op 21 februari 2017 is de Raad het eens geworden over zijn standpunt over regels die hybridemismatches met de belastingstelsels van derde landen moeten neutraliseren.

De ontwerprichtlijn is de laatste van een reeks maatregelen die belastingontwijking door grote ondernemingen moeten voorkomen.

Deze ondernemingen wordt belet kwalificatieconflicten tussen twee of meer fiscale rechtsgebieden uit te buiten om hun totale belastingverplichtingen te reduceren. Dergelijke regelingen kunnen leiden tot een sterke uitholling van de belastinggrondslag van belastingplichtige vennootschappen in de EU.

De richtlijn zal bijdragen tot de uitvoering van de OESO-aanbevelingen van 2015 met betrekking tot grondslaguitholling en winstverschuiving door bedrijven.

"De EU neemt het voortouw bij de bestrijding van belastingontwijking. Wij willen ervoor zorgen dat het BEPS-actieplan van de OESO samenhangend in de EU-wetgeving wordt omgezet."

Edward Scicluna, minister van Financiën van Malta en voorzitter van de Raad.

Het voorstel betreft hybridemismatches met niet-EU-landen, aangezien de kwalificatieconflicten binnen de EU al zijn behandeld in de "richtlijn bestrijding belastingontwijking" die in juli 2016 is goedgekeurd. Die richtlijn wordt door het voorstel in die zin aangevuld en gewijzigd.

De Raad heeft een compromis bereikt over de volgende knelpunten:

  • wat betreft hybride eigen vermogen is voor de banksector een uitzondering op de regels opgenomen. De uitzondering zal in de tijd beperkt zijn, en de Commissie zal worden verzocht een beoordelingsverslag over de gevolgen op te stellen;
  • wat betreft financiële handelaars is een meer afgebakende benadering gevolgd die in de lijn ligt van die van de OESO;
  • wat betreft de omzetting is voorzien in een langere termijn dan die voor de richtlijn van juli 2016. De termijn voor de omzetting is vastgelegd op 1 januari 2020 (één jaar later), en op 1 januari 2022 wat betreft één specifieke bepaling.

Volgende stappen

De richtlijn maakt deel uit van een pakket voorstellen ter bestrijding van belastingontwijking dat de Commissie in oktober 2016 heeft ingediend.

Het akkoord werd bereikt tijdens een zitting van de Raad Economische en Financiële Zaken. De Raad zal de richtlijn aannemen zodra het Europees Parlement advies heeft uitgebracht.

De lidstaten hebben tot en met 31 december 2019 de tijd om de richtlijn in nationale wet- en regelgeving om te zetten.

Voor de richtlijn is eenparigheid van stemmen in de Raad nodig, na raadpleging van het Parlement. (Rechtsgrond: artikel 115 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie).

Naar de pagina "Vergaderingen"

Persverantwoordelijke

Bent u geen journalist? Gelieve uw verzoek naar de dienst Voorlichting te sturen.

Laatst bijgewerkt: 15 januari 2024