"We gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren. Noodzakelijke cookies zijn nodig om essentiële functies van de website van de Raad te ondersteunen. Optionele cookies helpen ons om anonieme en geaggregeerde statistische overzichten op te stellen, om beter aan uw behoeften te voldoen.
De EU‑leiders zijn het eens geworden over een herstelpakket en de begroting voor 2021‑2027 die de EU zullen helpen bij de wederopbouw na de pandemie en die investeringen in groene en digitale transities zullen ondersteunen.
We hebben een akkoord bereikt over het herstelpakket en de Europese begroting. Het waren uiteraard moeilijke onderhandelingen in zeer zware tijden voor alle Europeanen. Maar de marathonbijeenkomst is succesvol afgesloten voor alle 27 lidstaten, en vooral voor de Europese burger. Het is een goed akkoord. Het is een sterk akkoord. En het is boven alles het juiste akkoord voor Europa, op het juiste moment.
Voorzitter Michel tijdens de persconferentie van de Europese Raad
De sociaal-economische gevolgen van de coronacrisis vragen om een gezamenlijke en innovatieve aanpak op EU‑niveau om het herstel en de veerkracht van de economieën van de lidstaten te ondersteunen.
Om het gewenste resultaat te bereiken en duurzaam te zijn, moet de herstelinspanning gekoppeld worden aan het traditionele MFK, dat sinds 1988 bepalend is voor het EU‑begrotingsbeleid en een langetermijnperspectief biedt.
De EU-leiders zijn het eens geworden over een breed pakket van € 1 824,3 miljard, dat het meerjarig financieel kader (MFK) combineert met een buitengewone herstelinspanning in het kader van NextGenerationEU.
Langetermijnbegroting EU
Het nieuwe meerjarig financieel kader (MFK) bestrijkt de zeven jaar van 2021 tot en met 2027. Het MFK zal, versterkt door NextGenerationEU, tevens het belangrijkste instrument zijn voor de uitvoering van het herstelpakket om de sociaal-economische gevolgen van de COVID‑19-pandemie aan te pakken.
Dankzij de omvang van het MFK - € 1 074,3 miljard - kan de EU haar langetermijndoelstellingen verwezenlijken en tegelijkertijd de volledige capaciteit van het herstelplan in stand houden. Het is grotendeels gebaseerd op het voorstel van voorzitter Michel van februari, dat het resultaat was van 2 jaar overleg tussen de lidstaten.
NextGenerationEU zal de Unie de noodzakelijke middelen verschaffen om de gevolgen van de COVID‑19-pandemie aan te pakken. De Commissie krijgt op grond van het akkoord de mogelijkheid tot € 750 miljard te lenen op de kapitaalmarkten. Deze middelen kunnen worden gebruikt voor back‑to‑backleningen en voor uitgaven die via de MFK‑programma's lopen. Het op de financiële markten aangetrokken kapitaal moet in 2058 zijn terugbetaald.
De bedragen die in het kader van NextGenerationEU beschikbaar zijn, worden toegewezen aan 7 aparte programma's:
Faciliteit voor herstel en veerkracht: € 672,5 miljard (leningen: € 360 miljard, subsidies: € 312,5 miljard)
REACT-EU: € 47,5 miljard
Horizon Europa: € 5 miljard
InvestEU: € 5,6 miljard
plattelandsontwikkeling: € 7,5 miljard
Fonds voor een rechtvaardige transitie (JTF): € 10 miljard
Toewijzingen uit de Faciliteit voor herstel en veerkracht (Recovery and Resilience Facility – RRF)
Het plan zorgt dat het geld naar de landen en sectoren gaat die het zwaarst door de crisis zijn getroffen: 70% van de subsidies van de Faciliteit voor herstel en veerkracht wordt in 2021 en 2022 toegekend, en 30% in 2023.
Toewijzingen uit de RRF in 2021‑2022 worden vastgesteld overeenkomstig de toewijzingscriteria van de Commissie, waarbij rekening wordt gehouden met de levensstandaard, de omvang en het werkloosheidscijfer van de lidstaten.
Flexibiliteit
De EU-leiders bereikten overeenstemming over een instrument met één enkele marge, dat de financiering mogelijk moet maken van specifieke onvoorziene uitgaven in vastleggingen en overeenkomstige betalingen die niet anders konden worden gefinancierd. Het jaarlijkse maximum van het instrument wordt vastgesteld op € 772 miljoen (in prijzen van 2018).
Zij bereikten ook overeenstemming over 3 thematische speciale instrumenten om extra financiële middelen te verstrekken voor specifieke onvoorziene gebeurtenissen:
een brexitaanpassingsreserve om de lidstaten en sectoren te ondersteunen die het zwaarst getroffen worden door de brexit (€ 5 miljard)
het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering om werknemers te ondersteunen die hun baan verliezen bij herstructureringen in verband met de globalisering (€ 1,3 miljard)
de reserve voor solidariteit en noodhulp om te reageren op noodsituaties als gevolg van grote rampen in lidstaten en toetredingslanden, en om snel te kunnen reageren op specifieke noodsituaties binnen de EU of in derde landen (€ 1,2 miljard)
Governance en conditionaliteit
Overeenkomstig de beginselen van goed bestuur bereiden de lidstaten nationale plannen voor herstel en veerkracht voor de periode 2021‑2023 voor.Deze moeten in overeenstemming zijn met de landspecifieke aanbevelingen en bijdragen aan groene en digitale transities. De plannen moeten met name de groei en werkgelegenheid stimuleren en de economische en sociale veerkracht van de EU‑landen versterken. De plannen worden in 2022 herzien. De Raad moet de beoordeling van de plannen met gekwalificeerde meerderheid van stemmen goedkeuren, op voorstel van de Commissie.
De subsidies worden alleen uitbetaald wanneer de overeengekomen intermediaire doelen en streefdoelen uit de plannen voor herstel en veerkracht zijn verwezenlijkt.
Indien bij wijze van uitzondering een of meer lidstaten van oordeel zijn dat er ernstige afwijkingen zijn wat betreft het op bevredigende wijze halen van de betrokken intermediaire doelen en streefdoelen, kunnen zij de voorzitter van de Europese Raad verzoeken om dit voor te leggen aan de volgende Europese Raad.
Klimaatactie
30% van de totale uitgaven van het MFK en NextGenerationEU gaat naar klimaatgerelateerde projecten. De uitgaven in het kader van het MFK en NextGenerationEU moeten voldoen aan de EU‑doelstelling van klimaatneutraliteit in 2050, de EU‑klimaatdoelstellingen voor 2030 en de Overeenkomst van Parijs.
Rechtsstaat
De financiële belangen van de Unie worden beschermd overeenkomstig de in de Unieverdragen verankerde algemene beginselen, meer bepaald de waarden in artikel 2 VEU. De Europese Raad benadrukt tevens het belang van het eerbiedigen van de rechtsstaat. Tegen die achtergrond zal er een conditionaliteitsstelsel ter bescherming van de begroting en NextGenerationEU worden ingevoerd.
De Commissie zal maatregelen in geval van inbreuken voorstellen die door de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen zullen worden aangenomen.
De Europese Raad zal spoedig hierop terugkomen.
EU-inkomsten: eigen middelen
De EU-leiders kwamen overeen de EU nieuwe middelen te bieden om de in het kader van NextGenerationEU aangetrokken middelen terug te betalen. Zij werden het eens over een nieuwe kunststofheffing, die in 2021 zal worden ingevoerd. De Commissie moet dat jaar ook een voorstel voor een mechanisme voor koolstofcorrectie en een voorstel voor een heffing op digitale diensten indienen, die beide ten laatste op 1 januari 2023 moeten worden ingevoerd.
De Commissie moet vervolgens een herzien voorstel over het EU-emissiehandelssysteem (ETS) indienen, met een eventuele uitbreiding van het systeem tot de luchtvaart en het zeevervoer. Mogelijk komen er ook andere nieuwe middelen, zoals een belasting op financiële transacties. De opbrengsten van de nieuwe eigen middelen die na 2021 worden ingevoerd, worden gebruikt voor vervroegde aflossing van leningen in het kader van NextGenerationEU.
De nieuwe financieringsbronnen komen bovenop de bestaande eigen middelen:
traditionele eigen middelen: vooral douanerechten en suikerheffingen (lidstaten zullen 25% van de geïnde bedragen als inningskosten inhouden, tegenover 20% voor de periode 2014‑2020)
eigen middelen op basis van de btw: op de btw-grondslag van elke lidstaat wordt een uniform percentage van 0,3% toegepast, waarbij de belastbare btw-grondslag voor elk land beperkt is tot 50% van het bni (de methode wordt vereenvoudigd)
eigen middelen op basis van het bni: komen voort uit een uniform percentage dat op het bruto nationaal inkomen van de lidstaten wordt toegepast; dit percentage wordt jaarlijks aangepast om de inkomsten en de uitgaven met elkaar in evenwicht te brengen (ongewijzigd)
Onder het MFK is het plafond voor de EU ter dekking van jaarlijkse betalingskredieten vastgesteld op:
voor betalingen: 1,40 % van het bni van alle lidstaten
voor toewijzingen: 1,46 % van het bni van alle lidstaten
Kortingen
Forfaitaire kortingen op de jaarlijkse op het bruto nationaal inkomen gebaseerde bijdrage van Denemarken, Duitsland, Nederland, Oostenrijk en Zweden blijven behouden.
Voorzitter Michel presenteerde zijn voorstel op 10 juli 2020
Achtergrond
Op 10 juli presenteerde de voorzitter van de Europese Raad, Charles Michel, zijn voorstel voor het MFK en het herstelpakket.
"Het doel van ons herstel kan worden samengevat in 3 woorden: convergentie, veerkracht en transformatie. Concreet betekent dit: de COVID‑19-schade herstellen, onze economieën hervormen en onze samenlevingen herinrichten," zei hij.
Na de bilaterale besprekingen met de EU‑leiders zag voorzitter Michel 6 bouwstenen voor een mogelijk akkoord.
Op 19 juni wisselden de EU‑leiders via videoconferentie van gedachten over het voorstel voor een nieuw herstelplan en voor het meerjarig financieel kader (MFK) voor 2021‑2027, dat de Europese Commissie op 27 mei 2020 presenteerde.
Charles Michel, voorzitter van de Europese Raad, knoopte daarna politieke onderhandelingen aan met de EU‑leiders.
Op 23 april 2020 besloot de Europese Raad werk te maken van een herstelfonds als respons op de COVID‑19-crisis. De leiders verzochten de Europese Commissie dringend een voorstel in te dienen en het verband tussen het herstelfonds en de meerjarenbegroting van de EU te verduidelijken.