"We gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren. Noodzakelijke cookies zijn nodig om essentiële functies van de website van de Raad te ondersteunen. Optionele cookies helpen ons om anonieme en geaggregeerde statistische overzichten op te stellen, om beter aan uw behoeften te voldoen.
Met uw toestemming gebruiken we cookies voor het genereren van geaggregeerde, anonieme gegevens over het browsegedrag van de gebruikers van onze website. We gebruiken deze gegevens om uw ervaring te verbeteren.
Raad Concurrentievermogen (Interne Markt en Industrie), 26 februari 2026
Voornaamste resultaten
Jaarverslag over de eengemaakte markt en het concurrentievermogen 2026
De ministers bespraken het jaarverslag over de eengemaakte markt en het concurrentievermogen 2026, dat de Commissie op 30 januari 2026 had gepresenteerd. Ze erkenden de knelpunten uit het rapport, zoals de administratieve rompslomp, de stevige regeldruk en aanhoudende obstakels zoals de beruchte "terrible 10". Ze noemden ook hoge energieprijzen, kosten in verband met de regeling voor de handel in emissierechten (ETS) en afhankelijkheid van kritieke grondstoffen. Velen drongen er dit jaar al op aan om eindelijk de stap van strategie naar actie te zetten.
Verschillende ministers riepen op om het 28e vennootschapsrechtelijke regime vlot aan te nemen en een echte kapitaalmarktenunie te vormen. Daarnaast vroegen zij om nieuwe handelsovereenkomsten en de praktische uitvoering van de wetgeving voor kritieke grondstoffen, met een focus op Europese winning en recycling. Tijdens het overleg waarschuwden enkele ministers voor "gold plating", oftewel het toevoegen van onnodige nationale regels aan Europese wetgeving. Ze wezen erop dat veel obstakels op de interne markt juist door de lidstaten zelf worden veroorzaakt.
De ministers brachten in kaart welke sectoren de grootste afhankelijkheden hebben en bijzondere aandacht behoeven, zoals staal en aluminium, halfgeleiders, batterijen, geneesmiddelen of de automobielsector.
Dit document is momenteel alleen beschikbaar in de volgende talen:
De ministers wisselden van gedachten over de noodplannen voor industriële veerkracht, en de follow-up van de industriële actieplannen voor Europa's staal-, automobiel- en chemische industrie in het kader van de Clean Industrial Deal.
Een meerderheid van de ministers was positief over de voorgestelde sectorplannen en drong aan op een vlotte implementatie, al wezen enkelen op de noodzaak om de sectorbrede wetgeving, waaronder vergunningsvereisten, simpeler te maken. Hoge energieprijzen werden aangewezen als een belangrijk knelpunt om de concurrentiepositie in alle 3 de sectoren te verbeteren.
Wat auto's betreft, pleitte een ruime meerderheid van de ministers voor een herziening van het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie (CBAM) en het emissiehandelssysteem (ETS), hoewel de meningen over de benodigde aanpassingen aanzienlijk uiteenliepen. Verschillende delegaties riepen op tot een gerichte herziening van de REACH-verordening, steunden het pakket voor de autosector en de flexibiliteit van CO2-doelstellingen voor nieuwe voertuigen en de "Battery Booster"-strategie, hoewel de meningen over andere voorstellen, zoals die voor bedrijfswagenparken, ook uiteenliepen. Wat chemische stoffen betreft, waren de meeste ministers ingenomen met de alliantie voor kritieke chemische stoffen. Voor staal was de overproductie door derde landen een grote zorg, waarbij veel ministers het gebruik van instrumenten voor handelsbescherming bepleitten. Daarnaast benadrukten verschillende ministers de noodzaak om metaalschroot binnen de EU te houden en een markt voor secundaire grondstoffen te creëren.
De ministers namen conclusies aan over de consumentenagenda 2030, die de Commissie op 19 november 2025 had gepresenteerd. In de conclusies wordt gepleit voor een betere consumentenbescherming (met name bij shoppen online), het aanmoedigen van duurzame consumptie, betere handhaving en nauwere samenwerking tussen de lidstaten.
Consumentenbescherming en concurrentievermogen zijn 2 kanten van dezelfde medaille. Om de consument in het digitale tijdperk te beschermen, moeten we schadelijke onlinepraktijken en -risico's aanpakken, duurzame consumptie waarborgen en de handhaving over de grenzen heen verbeteren. Alleen met doortastende maatregelen op die fronten kunnen we een eerlijkere, groenere en veiligere Europese markt voor alle consumenten tot stand brengen.
Michalis Damianos, minister van Energie, Handel en Industrie van Cyprus
De ministers hielden een oriënterend debat over het Europees Fonds voor concurrentievermogen, een van de belangrijkste elementen van de langetermijnbegroting van de EU voor 2028-2034 (het komende meerjarig financieel kader (MFK)). De lidstaten zien het EFC als een belangrijk instrument om investeringen en innovatie aan te jagen. Er was echter discussie of het fonds uitsluitend prioriteit moet geven aan excellente projecten, of dat er ook rekening moet worden gehouden met geografisch evenwicht.
Veel ministers benadrukten dat het fonds gebruiksvriendelijk moet zijn, met gerichte begeleiding voor kleine en middelgrote bedrijven tijdens hun hele investeringstraject. Ze benadrukten dat het belangrijk is projecten in de hele toeleveringsketen te ondersteunen. Daarnaast benadrukten veel delegaties het belang van een nauwe koppeling tussen het ECF en Horizon Europa, het Europese kader voor onderzoek en innovatie, om blijvende steun voor innovatieve projecten te garanderen van prototype tot industriële uitrol.
Verschillende delegaties onderstreepten dat het EFC particuliere investeringen moet aantrekken en risico's moet verkleinen. Ze stelden voor om nationale investeringsbanken in te schakelen voor de steun aan lokale investeringen en raadden aan om de ervaring van investeringsprogramma's zoals het huidige InvestEU te gebruiken om extra private financiering aan te trekken.
Kleine en middelgrote ondernemingen zijn cruciaal voor de EU-waardeketens. Door ze te betrekken bij onderzoek en productie, garanderen we robuuste en efficiënte industriële ecosystemen. Ons concurrentievermogen drijft op de succesvolle inbedding van deze bedrijven in de gehele toeleveringsketen. Het EFC kan hen eenvoudigere instrumenten aanreiken om aan het programma deel te nemen en te groeien.
Michalis Damianos, minister van Energie, Handel en Industrie van Cyprus
Gezamenlijke verantwoordelijkheid nemen voor het wegnemen van belemmeringen voor de eengemaakte markt
Tijdens de lunch spraken de ministers over gezamenlijke verantwoordelijkheid nemen voor het wegnemen van belemmeringen voor de eengemaakte markt. Het Cypriotische voorzitterschap heeft een nota opgesteld als leidraad voor de besprekingen, waarin de ministers wordt verzocht hun mening te geven over de volgende kwesties: tekortkomingen van de Commissie & verantwoordelijkheden van de lidstaten; de routekaart "Eén Europa, één markt" en het actieplan; gemakkelijk uit te voeren hervormingen in diensten die bedrijven snelle, merkbare verbeteringen opleveren, mogelijke bindende termijnen om de "terrible 10"-belemmeringen aan te pakken en tot slot gerichte maatregelen voor specifieke sectoren.
De Poolse delegatie informeerde de ministers over het resultaat van deze bijeenkomst.
De Estse, de Finse, de Ierse, de Letse en de Tsjechische delegatie gaven een presentatie met als titel "Een doeltreffend mededingingsbeleid is een hoeksteen van een goed functionerende, veerkrachtige en concurrerende eengemaakte markt".
De Belgische delegatie informeerde de ministers over het veiligstellen van het industriële concurrentievermogen door middel van een pragmatische en technologieneutrale waterstofaanpak in het kader van RED III.