Skip to content

5 redenen om antimicrobiële resistentie (AMR) tegen te gaan

Er is sprake van antimicrobiële resistentie (AMR) wanneer een micro-organisme blootstelling aan genees­middelen overleeft, terwijl die gemaakt zijn om het af te remmen of te doden.

Overmatig of onterecht gebruik van antimicrobiële stoffen is de belangrijkste oorzaak van AMR. Antimicrobiële stoffen zoals antibiotica, antivirale middelen, anti­schimmel­middelen en antiparasitica, zijn genees­middelen die infecties bij mensen, dieren of planten moeten voorkomen of behandelen.

Zo ontstaat AMR gewoonlijk:

Onjuist gebruik van antimicrobiële stoffen → bacteriën ontwikkelen resistentie → antimicrobiële stoffen worden minder doeltreffend → ziekten verspreiden zich gemakkelijker

Op 13 juni 2023 nam de Raad een aanbeveling aan om AMR tegen te gaan. Dit moet o.a. verantwoord gebruik van antimicrobiële stoffen bevorderen, infectie­preventie en -bestrijding verbeteren en zorgen voor meer onderzoek en innovatie.

1. Jaarlijks worden ongeveer 800 000 mensen door resistente bacteriën besmet

In 2020 werden in Europa meer dan 800 000 mensen besmet met bacteriën die ongevoelig (resistent) zijn voor antibiotica. Deze bacteriën leidden onder meer tot longontsteking en infecties in de buikholte (intra-abdominale infecties).

Na een lichte daling in 2020 neemt het aantal besmettingen weer toe

Deze grafiek toont het geschatte aantal infecties met antibioticaresistente bacteriën in de EU en de Europese Economische Ruimte (EER).

Tekstversie

Een lijndiagram van het aantal infecties met antibioticaresistente bacteriën in de EU en de EER in de periode 2016-2020.

Het aantal besmettingen neemt tussen 2016 en 2019 elk jaar toe, van 685 433 infecties in 2016 tot 865 767 in 2019. In 2020 ligt het aantal met 801 517 besmettingen lager; mogelijk door veranderingen in monitoring en gezondheidszorg tijdens de coronapandemie, en de maatregelen om de verspreiding van het virus tegen te gaan.

Volgens de OESO vindt 70% van de infecties plaats in zorginstellingen. AMR is een gevaar bij operaties, transplantaties en intensieve zorg en voor mensen met een verzwakt immuunsysteem, zoals kankerpatiënten, voor wie een eenvoudige infectie al dodelijk kan zijn.

Kinderen onder de 12 maanden en volwassenen boven de 70 jaar zijn het meest kwetsbaar. Daarnaast lopen mannen een grotere kans op resistente infecties dan vrouwen.

2. In 2020 stierven er in Europa dagelijks 100 mensen door AMR

Sommige infecties die vroeger te genezen waren, zijn nu moeilijk of zelfs niet behandelbaar. Als deze ontwikkeling zich voortzet, kan een sneetje, een kleine infectie of operatie al levensbedreigend worden.

Jaarlijks sterven 35 000 mensen door geneesmiddelenresistente infecties

Deze grafiek toont het geschatte aantal sterfgevallen door infecties met antibioticaresistente bacteriën in de EU en de EER.

Tekstversie

Een vlakdiagram van het aantal sterfgevallen door infecties met antibioticaresistente bacteriën in de EU en de EER in de periode 2016-2020. Het aantal sterfgevallen nam tussen 2016 en 2019 jaarlijks toe, van 30 730 doden in 2016 tot 38 710 in 2019.

In 2020 daalde het aantal sterfgevallen tot 35 813. 35 813 is ongeveer het aantal passagiers dat in 13 cruiseschepen past.

In Griekenland en Italië lagen de sterftecijfers het hoogst

Deze grafiek toont het geschatte aantal sterfgevallen door AMR in 2020 per 100 000 mensen en per land.

Tekstversie

Een staafdiagram van het aantal sterfgevallen door antimicrobiële resistentie per 100 000 mensen in de EU- en EER-landen.

Griekenland heeft het hoogste sterftecijfer, met 20 sterfgevallen per 100 000 mensen, gevolgd door Italië met 19 sterfgevallen per 100 000 mensen.

Noorwegen en Nederland staan onderaan, met elk 2 doden per 100 000 personen.

Het gemiddelde ligt in de EU op 6 doden per 100 000 personen.

3. AMR is aanwezig in dieren, voedsel, planten en het milieu

Antimicrobiële stoffen worden ook gebruikt voor de verzorging van vee en huisdieren, en in de aquacultuur. Via de urine en uitwerpselen van mens en dier, verkeerde afvalverwerking van geneesmiddelen of door besmette mest kunnen ze ook in het milieu belanden. Dat leidt ertoe dat er in bodem, water en planten residuen voorkomen, waardoor het risico van besmetting verder toeneemt.

Het gebruik van antibiotica ligt bij de mens nu hoger dan bij voedselproducerende dieren

Onderstaande grafiek vergelijkt de consumptie van antimicrobiële stoffen door de mens en door vee. Bij voedselproducerende dieren neemt het gebruik af.

Tekstversie

Een lijndiagram van de consumptie van antimicrobiële stoffen door boerderijdieren en mensen.

Het gebruik van antibiotica bij voedselproducerende dieren daalde van 154,7 mg werkzame antimicrobiële stof per kg biomassa in 2014 tot 104,8 mg in 2018. Bij mensen steeg dit van 125,3 mg in 2014 tot 131,7 in 2018.

Hoewel minder dieren antibiotica krijgen, brengt verkeerd gebruik zowel dier als mens in gevaar, omdat dieren resistente bacteriën kunnen overdragen op mensen via direct contact of de voedselketen.

4. De bestrijding van resistente bacteriën brengt aanzienlijke kosten voor de gezondheidszorg met zich mee

De kosten van AMR voor de gezondheidszorg bedragen in Europa naar schatting € 1,1 miljard per jaar.

Wanneer een infectie niet reageert op de antimicrobiële eerstelijnsbehandeling (de meest doeltreffende en veilige voor de patiënt), moeten zorgverleners zich wenden tot duurdere alternatieven, zoals tweede- of derdelijnsantibiotica (de laatste optie). Complicaties of de langduriger ziekte of behandeling kunnen leiden tot langere ziekenhuisopnamen, en de daarmee gepaard gaande kosten.

Resistentie tegen de laatstelijnsantibiotica neemt toe

Uit deze grafiek blijkt dat AMR tegen tweede en derdelijnsantibiotica, die worden gebruikt wanneer de gangbare antibiotica niet meer werken, hoog is en naar verwachting in EU/EER-landen blijft toenemen. Zonder doeltreffende maatregelen zal AMR volgens deskundigen zwaar gaan wegen op de gezondheidszorg en economie.

Tekstversie

Een lijndiagram van de antimicrobiële resistentie tegen antibiotica, waarbij de resistentie tegen eerstelijnsantibiotica in 2050 volgens de prognose met 11% zal zijn afgenomen ten opzichte van 2005, terwijl die tegen tweede- en derdelijnsantibiotica in 2050 met respectievelijk 72% en 119% zal zijn toegenomen ten opzichte van 2005.

5. AMR is slecht voor de economie

Langdurige ziekte en sterfte hebben rechtstreekse invloed op onze economie. AMR kan ook de handel in vee en dierlijke producten verstoren, omdat het de gezondheid en het welzijn van dieren en bijgevolg hun productiviteit beïnvloedt.

Meer antimicrobiële resistentie heeft meer invloed op het mondiale bbp

Deze grafiek toont de potentiële economische verliezen als gevolg van het effect van AMR op de gezondheid van werknemers en de diergezondheid als er geen doeltreffende maatregelen komen.

Tekstversie

Een lijndiagram met een prognose van de economische verliezen door de invloed van antimicrobiële resistentie op de gezondheid van werknemers en van dieren wanneer er geen doeltreffende maatregelen worden genomen.

In een optimistisch scenario met lage AMR zal de economische last naar verwachting aanzienlijk zijn, met een mondiaal bbp-verlies van 1,1% in 2050.

In een pessimistisch scenario met hoge AMR zullen de economische kosten naar verwachting ernstig zijn, met een mondiaal bbp-verlies van 3,8% in 2050.

Laatst bijgewerkt: 23 juli 2026