Skip to content

Landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan

De Overeenkomst van Samoa is het overkoepelende kader voor de betrekkingen van de EU met de staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan.

Overeenkomst van Samoa

De betrekkingen tussen de EU en haar lidstaten, en de leden van de Organisatie van staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (OACPS) worden geregeld bij de OACPS-EU-Partnerschapsovereenkomst, ook bekend als de Overeenkomst van Samoa.

Deze partnerschaps­overeenkomst vormt het wettelijk kader voor de betrekkingen tussen de EU en 77 landen. Dit omvat 47 landen in Afrika, 15 in het Caribisch gebied en 15 landen in de Stille Oceaan.

Tekstversie

Landen die partij zijn bij de Overeenkomst van Samoa:

  • Angola
  • Antigua en Barbuda
  • Bahama's
  • Barbados
  • Belize
  • Benin
  • Botswana
  • Burkina Faso
  • Burundi
  • Kaapverdië
  • Kameroen
  • Centraal-Afrikaanse Republiek
  • Tsjaad
  • Comoren
  • Republiek Congo
  • Cookeilanden
  • Ivoorkust
  • Democratische Republiek Congo
  • Djibouti
  • Dominica
  • Dominicaanse Republiek
  • Eritrea
  • Eswatini
  • Ethiopië
  • Fiji
  • Gabon
  • Gambia
  • Ghana
  • Grenada
  • Guinee
  • Guinee-Bissau
  • Guyana
  • Haïti
  • Jamaica
  • Kenia
  • Kiribati
  • Lesotho
  • Liberia
  • Madagaskar
  • Malawi
  • Maldiven
  • Mali
  • Marshalleilanden
  • Mauritanië
  • Mauritius
  • Micronesië
  • Mozambique
  • Namibië
  • Nauru
  • Niger
  • Nigeria
  • Niue
  • Palau
  • Papoea-Nieuw-Guinea
  • Rwanda
  • Saint Kitts en Nevis
  • Saint Lucia
  • Saint Vincent en de Grenadines
  • Samoa
  • Sao Tomé en Principe
  • Senegal
  • Seychellen
  • Sierra Leone
  • Salomonseilanden
  • Somalië
  • Sudan
  • Suriname
  • Tanzania
  • Oost-Timor
  • Togo
  • Tonga
  • Trinidad en Tobago
  • Tuvalu
  • Uganda
  • Vanuatu
  • Zambia
  • Zimbabwe

De overeenkomst moet de EU en deze landen beter in staat stellen mondiale uitdagingen samen aan te gaan.

Ze bevat gemeenschappelijke beginselen, en is gericht op de volgende 6 prioriteiten:

Mensenrechten en democratie

Mensenrechten en democratie

Vrede en veiligheid

Vrede en veiligheid

Ontwikkeling

Ontwikkeling

Migratie en mobiliteit

Migratie en mobiliteit

Klimaatverandering

Klimaatverandering

Economische groei

Economische groei

De overeenkomst bevat een gemeenschappelijke basis voor alle ACS-landen, in combinatie met 3 regionale protocollen die elk zijn toegespitst op de behoeften van een van de drie regio's.

Op 20 juli 2023 gaf de Raad groen licht voor de ondertekening en voorlopige toepassing van de partnerschaps­overeenkomst. Dit nieuwe rechtskader voor de komende 20 jaar is de opvolger van de Overeenkomst van Cotonou.

De nieuwe overeenkomst is op 15 november 2023 officieel ondertekend door de EU en haar lidstaten en de OACPS-leden in Samoa. De voorlopige toepassing ging in januari 2024 in.

Overeenkomst van Cotonou

Het vorige kader, de Overeenkomst van Cotonou, werd in 2000 goedgekeurd ter vervanging van de Overeenkomst van Lomé van 1975. Die overeenkomst werd gesloten voor een periode van 20 jaar.

De Overeenkomst van Cotonou zou aanvankelijk in februari 2020 aflopen. De bepalingen ervan werden verlengd tot de nieuwe partnerschaps­overeenkomst tussen de EU en de ACS-landen in werking zou treden.

Hoofddoel van de overeenkomst was het terugdringen en uiteindelijk uitroeien van armoede, en bijdragen tot de geleidelijke integratie van de ACS-landen in de wereldeconomie.

Zij was gebaseerd op 3 pijlers:

  • ontwikkelings­samenwerking
  • samenwerking op economisch en handelsgebied
  • de politieke dimensie

Gezamenlijke instellingen (Overeenkomst van Cotonou)

De ACS-EU-Raad van ministers is het hoogste orgaan van het ACS-EU-partnerschap. Hij komt eenmaal per jaar bijeen, afwisselend in Brussel en in een ACS-staat, en bestaat uit:

  • leden van de Raad van de EU
  • een lid van de Commissie
  • een lid van de regering van elk ACS-land

Het ACS-EU-Comité van ambassadeurs staat de Raad van ministers bij en houdt toezicht op de uitvoering van de Overeenkomst van Cotonou.

Het ACS-EU-Comité voor samenwerking inzake ontwikkelings­financiering onderzoekt de uitvoering van de samenwerking op het gebied van ontwikkelings­financiering en monitort de vorderingen.

Het gezamenlijk ACS-EU-Ministerieel Handelscomité bespreekt alle handels­gerelateerde vraagstukken die voor alle ACS-landen van belang zijn. Dit comité houdt toezicht op de onderhandelingen over economische partnerschaps­overeenkomsten en de uitvoering daarvan. Ook houdt hij het effect van de multilaterale handelsbesprekingen op de ACS-EU-handel en de ontwikkeling van de ACS-economieën in de gaten.

De Paritaire Parlementaire Vergadering ACS-EU is een raadgevend orgaan dat bestaat uit een gelijk aantal vertegenwoordigers van EU- en ACS-landen. De Vergadering bevordert democratische processen en wederzijds begrip tussen de volkeren van de Europese Unie en die van de ACS-landen. Voorts bespreekt zij vraagstukken met betrekking tot ontwikkeling en het ACS-EU-partnerschap, waaronder de economische partnerschaps­overeenkomsten.

Samenwerkingsgebieden

1. Ontwikkeling

De EU steunt programma's en initiatieven die een groot aantal van de ACS-landen ten goede komen. Zij heeft ook programma's voor de verdere regionale economische groei en ontwikkeling van specifieke regio's in de ACS.

In het kader van de nieuwe EU-meerjarenbegroting 2021-2027 financiert de EU de meeste van haar ontwikkelings­programma's voor de ACS-landen via het NDICI, het instrument voor nabuurschapsbeleid, ontwikkeling en internationale samenwerking. Het NDICI krijgt een totaalbudget van zo'n € 79,5 miljard (in lopende prijzen). Het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF), dat werd gefinancierd met rechtstreekse bijdragen van de lidstaten, bestaat sinds begin 2021 niet meer.

2. Handel

De EU heeft via onderhandelingen een reeks economische partnerschaps­overeenkomsten (EPO's) met de 79 ACS-landen gesloten. Met deze EPO's wordt een gemeenschappelijk handels- en ontwikkelings­partnerschap nagestreefd, dat stoelt op ontwikkelingshulp.

De Raad geeft de Commissie het mandaat om over deze overeenkomsten te onderhandelen en dient de definitieve overeenkomst te ondertekenen.

EPO's met Afrikaanse landen

De onderhandelingen over de regionale EPO met 16 West-Afrikaanse staten, de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten (Ecowas) en de West-Afrikaanse Economische en Monetaire Unie (Waemu) werden in juli 2014 beëindigd. Het ondertekeningsproces is momenteel aan de gang. Op 3 september 2016 en 15 december 2016 zijn tijdelijke EPO's met respectievelijk Ivoorkust en Ghana in werking getreden, in afwachting van de goedkeuring van de volledige regionale EPO met West-Afrika.

In juli 2014 werden ook de onderhandelingen met landen van de Ontwikkelings­gemeenschap van zuidelijk Afrika met succes afgerond. De overeenkomst werd op 10 juni 2016 in Kasane (Botswana) ondertekend. Zij trad voorlopig in werking op 10 oktober 2016.

In oktober 2014 werden de onderhandelingen met de Oost-Afrikaanse Gemeenschap met succes afgerond. Het ondertekeningsproces is momenteel aan de gang.

Kameroen is het enige land in de regio dat de EPO tussen de EU en Centraal-Afrika heeft ondertekend, op 15 januari 2009. De overeenkomst trad voorlopig in werking op 4 augustus 2014.

In oostelijk en zuidelijk Afrika hebben Mauritius, Seychellen, Zimbabwe en Madagaskar in 2009 een EPO ondertekend. De overeenkomst wordt sinds 14 mei 2012 voorlopig toegepast.

EPO in het Caribisch gebied

De EU ondertekende in oktober 2008 een EPO met het Caribisch Forum (Cariforum), een groep van 15 Caribische landen. De EPO Cariforum-EU wordt sinds 29 december 2008 voorlopig toegepast.

EPO in het gebied van de Stille Oceaan

De tussentijdse EPO tussen de EU en de ACS-landen in het gebied van de Stille Oceaan werd in juli 2009 ondertekend door Papoea-Nieuw-Guinea en in december 2009 door Fiji. Papoea-Nieuw-Guinea bekrachtigde de EPO in mei 2011. In juli 2014 besloot Fiji de overeenkomst voorlopig toe te passen. Van de 14 landen in het Stille Oceaan­gebied nemen Papoea-Nieuw‑Guinea en Fiji het grootste deel van de handel tussen de EU en het Stille Oceaan­gebied voor hun rekening. Samoa trad op 21 december 2018 tot de EPO toe en de Salomonseilanden op 17 mei 2020.

3. Migratie

Migratie is een belangrijk aspect van de EU-ACS-betrekkingen. Het kader voor de samenwerking op dit gebied is vastgelegd in artikel 13 van de Overeenkomst van Cotonou.

Dit artikel betreft onder andere de verbetering van de omstandigheden in de landen van herkomst en doorreis, legale migratie en terugkeer van illegale immigranten.

In november 2015 hielden de EU en de Afrikaanse leiders van de meest betrokken landen een topontmoeting om de politieke samenwerking op het gebied van migratie te versterken. Zij kwamen een actieplan overeen met onder meer 16 concrete maatregelen. Daarnaast werd ook het EU-noodtrustfonds voor stabiliteit en de aanpak van de diepere oorzaken van irreguliere migratie en ontheemding in Afrika gelanceerd.

Reactie op toegenomen migratiedruk

De Raad en de Europese Raad werken aan een breed Europees migratiebeleid

Laatst bijgewerkt: 22 januari 2025