"We gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren. Noodzakelijke cookies zijn nodig om essentiële functies van de website van de Raad te ondersteunen. Optionele cookies helpen ons om anonieme en geaggregeerde statistische overzichten op te stellen, om beter aan uw behoeften te voldoen.
Met uw toestemming gebruiken we cookies voor het genereren van geaggregeerde, anonieme gegevens over het browsegedrag van de gebruikers van onze website. We gebruiken deze gegevens om uw ervaring te verbeteren.
De bespreking van de situatie in Israël en de regio door de Raad Buitenlandse Zaken volgde op de informele videoconferentie van de ministers van Buitenlandse Zaken van 10 oktober en die van de leden van de Europese Raad op 17 oktober.
De Raad veroordeelde nogmaals de terroristische aanslag van Hamas en riep op tot onmiddellijke vrijlating van de gijzelaars. De EU-ministers bevestigden dat Israël – in overeenstemming met het internationaal humanitair recht – het recht heeft zichzelf te verdedigen.
Wij moeten de terroristische aanslagen veroordelen en we moeten een humanitaire crisis in Gaza zo veel mogelijk voorkomen. Het is absoluut noodzakelijk dat we humanitaire hulp verlenen en dat de mensen die deze nodig hebben daar toegang toe hebben.
Enkele konvooien konden inmiddels door, maar het zijn er niet genoeg. Vóór de oorlog reden er ongeveer 100 vrachtwagens per dag naar Gaza, nu zijn het er nauwelijks 20, terwijl de behoeften nu nog groter zijn.
Die eerste konvooien zijn een positief teken, maar het moeten er meer zijn, en het moet sneller. We moeten zorgen voor geneesmiddelen en voedsel, en de ministers zijn het erover eens dat we ook de brandstof moeten leveren die nodig is om de ontziltingsinstallaties te laten functioneren.
Josep Borrell, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid
De EU en haar lidstaten blijven in intensief contact met regionale partners en internationale actoren om een bredere regionale escalatie te voorkomen. Buitenlandse inmenging en desinformatiecampagnes moeten worden bestreden.
De Raad herhaalde tenslotte dat een tweestatenoplossing zijn uiteindelijke doel blijft. In hun gesprekken over het langetermijnperspectief voor vrede in de regio waren de ministers het erover eens dat het van levensbelang is het politieke proces nieuw leven in te blazen.
Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne
De ministers van Buitenlandse Zaken spraken verder over de Russische agressie tegen Oekraïne, mede in het licht van hun historische bezoek aan Kyiv op 2 oktober 2023. De focus lag op steun op de korte en lange termijn.
Ze verdiepten zich in de vraag hoe het best tegemoet kan worden gekomen aan de meest dringende behoeften van Oekraïne, onder andere op het gebied van luchtverdediging en munitie. Verder wisselden ze van gedachten over concrete voorstellen voor toezeggingen van de EU op veiligheidsgebied.
Dergelijke toezeggingen, van traditionele militaire bijstand tot cyberbeveiliging, mijnopruiming en de algehele versterking van de weerbaarheid van Oekraïne, helpen Oekraïne niet alleen om zichzelf te verdedigen, maar kunnen ook mogelijke toekomstige agressie en pogingen tot destabilisatie ontmoedigen.
De hoge vertegenwoordiger benadrukte dat de defensie-industrie van de EU moet worden versterkt door de productie van munitie op te voeren om zo aan de behoeften van Oekraïne te voldoen en de EU-voorraden aan te vullen. Ook de samenwerking tussen de Europese en Oekraïense defensie-industrie moet worden versterkt, met volledige inachtneming van het veiligheids- en defensiebeleid van de lidstaten en hun grondwettelijke beperkingen.
Tot slot gingen de ministers kort in op de vredesformule van Oekraïne en hoe ervoor te zorgen dat deze ook in de Verenigde Naties zo breed mogelijk gesteund wordt.
Andere besluiten
De Raad heeft een reeks sancties aangenomen tegen degenen die de stabiliteit, de democratie en de rechtsstaat in Niger ondermijnen.
Tot slot nam de Raad de A-punten van niet-wetgevende aard zonder debat aan.
19e ministeriële bijeenkomst EU-Centraal-Azië
In de marge van de Raad Buitenlandse Zaken namen de ministers deel aan de 19e ministeriële bijeenkomst EU-Centraal-Azië, samen met de ministers van Buitenlandse Zaken van Kazachstan, Kirgizië, Tadzjikistan, Turkmenistan en Oezbekistan.
Samen hechtten de partijen hun goedkeuring aan een routekaart EU-Centraal-Azië en ze bespraken hoe ze hun banden kunnen verstevigen en hun interregionale samenwerking kunnen verdiepen op het gebied van gemeenschappelijke veiligheidsuitdagingen, connectiviteit, economie en handel, milieu, water en klimaat, onderwijs, wetenschap en innovatie, en intermenselijke contacten.
De ministers verklaarden dat de EU zich nauw bij Centraal-Azië betrokken voelt in de uitdagingen die voortvloeien uit de regionale dynamiek, met bijzondere aandacht voor de gevolgen van de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne en de situatie in Afghanistan.
De ontmoeting tussen onze ministers van Buitenlandse Zaken vandaag bevestigt een nieuw niveau van samenwerking tussen onze regio's. We weten dat we in deze wereld, die wordt geconfronteerd met lastige uitdagingen maar ook met nieuwe kansen, meer kunnen bereiken als we samenwerken.
Josep Borrell, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid
De partijen bevestigden opnieuw de vastberadenheid van hun regio's om het Handvest van de Verenigde Naties en de grondbeginselen van het internationaal recht te eerbiedigen. De ministers benadrukten dat er doeltreffend moet worden samengewerkt om te voorkomen dat de EU-sancties tegen Rusland op Centraal-Aziatisch grondgebied worden omzeild.