"We gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren. Noodzakelijke cookies zijn nodig om essentiële functies van de website van de Raad te ondersteunen. Optionele cookies helpen ons om anonieme en geaggregeerde statistische overzichten op te stellen, om beter aan uw behoeften te voldoen.
Met uw toestemming gebruiken we cookies voor het genereren van geaggregeerde, anonieme gegevens over het browsegedrag van de gebruikers van onze website. We gebruiken deze gegevens om uw ervaring te verbeteren.
De Raad Buitenlandse Zaken besprak Ruslands agressie tegen Oekraïne, nadat de Oekraïense Buitenlandminister Dmytro Koeleba het woord had genomen. Koeleba was persoonlijk aanwezig. Hij briefte de EU-ministers over de laatste ontwikkelingen ter plaatse en vertelde hoe Oekraïne momenteel op 2 fronten actief is: het militaire front – waar Poetin nog voor de winter zijn oorlog een nieuwe impuls probeert te geven om zijn presidentscampagne vooruit te helpen – en op het EU-traject.
De hoge vertegenwoordiger bevestigde dat hij al een begin heeft gemaakt met de dialoog en het deskundigenoverleg met Oekraïne over toekomstige toezeggingen op veiligheidsgebied, en benadrukte dat de EU niet alleen operationele militaire steun aan Oekraïne moet verlenen, maar ook moet werken aan voorspelbare langetermijnfinanciering.
Een overweldigende meerderheid van de ministers was zeer duidelijk: dit is niet het moment om onze steun aan Oekraïne te laten afkalven maar net om deze op te voeren en te versnellen. Daartoe moeten we eensgezind blijven. We moeten onze defensie-industrie versterken om Oekraïne te helpen zijn eigen defensie-industrie te stimuleren. We moeten het eens worden over het 8e EPF-pakket en een nieuwe EPF-aanvulling van € 5 miljard.
Josep Borrell, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid
De Europese Raad zal naar verwachting tijdens de top van december sturing geven aan de toezeggingen op het gebied van veiligheid.
De hoge vertegenwoordiger informeerde de Raad over de werkzaamheden die samen met de Europese Commissie zijn verricht met betrekking tot inkomsten uit het immobiliseren van Russische tegoeden. De voorstellen zullen de komende dagen bij de Raad worden ingediend.
De Raad Buitenlandse Zaken heeft de situatie in Israël en de regio besproken tegen de achtergrond van de hervatting van de vijandelijkheden en de uitbreiding ervan tot Zuid-Gaza.
De ministers bespraken de rampzalige situatie voor de burgers in Gaza en het onaanvaardbare vasthouden van gijzelaars door terroristen.
In dit verband onderstreepte de hoge vertegenwoordiger dat het menselijk lijden in Gaza een ongekende uitdaging vormt voor de internationale gemeenschap. Tussen de 60% en 70% van de mensen die omkomen zijn burgers, en 85% van de bevolking – ongeveer 1.9 miljoen – is intern ontheemd.
Wij zijn verontrust over het geweld op de Westelijke Jordaanoever door extremistische kolonisten. Het baart ons ook zorgen dat de Israëlische regering heeft ingestemd met de bouw van nog eens 1 700 wooneenheden in Oost-Jeruzalem om de nederzettingen uit te breiden – wat wij op grond van het internationaal recht als illegaal beschouwen. Wij veroordelen dit besluit.
Josep Borrell, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid
Tegen deze achtergrond herhaalde de EU dat haar financiële steun aan de Palestijnse Autoriteit moet worden voortgezet. De hoge vertegenwoordiger deelde mee dat de ministers de Commissie zeer duidelijk hebben gemaakt dat de jaarlijkse EU-financiering aan de Palestijnse Autoriteit snel moet worden vrijgegeven nu de evaluatie daarover heeft plaatsgevonden. Daaruit is geen bewijs gebleken dat EU-regels zijn geschonden, of dat er terrorisme zou zijn gefinancierd of haat en antisemitisme zijn aangewakkerd.
De hoge vertegenwoordiger stelde de Raad Buitenlandse Zaken een reeks elementen voor als leidraad voor het optreden van de EU:
geen gedwongen ontheemding van de burgerbevolking van Gaza, noch bezetting van de strook door Israël
blijven optreden tegen Hamas, onder meer met beperkende maatregelen
opleggen van beperkende maatregelen tegen extremistische kolonisten op de Westelijke Jordaanoever, naar het voorbeeld van de Verenigde Staten
doeltreffend inzetten op de GVDB-missies van de EU ter plaatse – EUPOL COPPS en EUBAM Rafah
De hoge vertegenwoordiger zal nauw samenwerken met de speciale vertegenwoordiger van de EU voor het vredesproces in het Midden-Oosten, met name om bij de Raad voorstellen in te dienen over de wijze waarop het politieke proces kan worden voortgezet, het bestuur in Gaza kan worden gewaarborgd en de tweestatenoplossing kan worden uitgewerkt.
De Raad Buitenlandse Zaken heeft een bespreking gehouden over de Sahel, waar de situatie op het gebied van veiligheid en bestuur verslechtert. De militaire junta's versterken hun macht en beperken de vrijheden, ontmantelen de democratische instellingen en komen dichter bij Rusland te staan.
De Raad heeft nota genomen van de resultaten van de top van de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten (ECOWAS) die op 10 december heeft plaatsgevonden, en heeft bevestigd dat hij zijn bemiddelingsinspanningen blijft steunen.
De ministers zijn het eens geworden over een aantal leidende beginselen op basis waarvan het EU-optreden in de regio zal worden geherdefinieerd en de EU-instrumenten zullen worden aangepast.
Voorts heeft de Raad officieel een nieuw initiatief voor het gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid (GVDB) gelanceerd ter ondersteuning van de West-Afrikaanse landen in de Golf van Guinee (Ivoorkust, Ghana, Togo en Benin), op basis van hun verzoek en in overleg met hen.
Informeel ontbijt met de minister van Buitenlandse Zaken van Armenië
De Raad Buitenlandse Zaken van de EU hield een informele gedachtewisseling met Ararat Mirzojan, minister van Buitenlandse Zaken van Armenië, en besprak hoe de betrekkingen tussen de EU en Armenië, de EU-steun aan het land en de vooruitzichten voor de normalisering van Armenië en Azerbeidzjan kunnen worden verbeterd.
Als eerste stap in deze nauwere samenwerking zal de EU haar civiele GVDB-missie in Armenië versterken door haar aanwezigheid ter plaatse te verhogen van 138 tot 209 mensen, om blijk te geven van haar gehechtheid aan een stabiele grens tussen Armenië en Azerbeidzjan.