"We gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren. Noodzakelijke cookies zijn nodig om essentiële functies van de website van de Raad te ondersteunen. Optionele cookies helpen ons om anonieme en geaggregeerde statistische overzichten op te stellen, om beter aan uw behoeften te voldoen.
Met uw toestemming gebruiken we cookies voor het genereren van geaggregeerde, anonieme gegevens over het browsegedrag van de gebruikers van onze website. We gebruiken deze gegevens om uw ervaring te verbeteren.
Raad Economische en Financiële Zaken, 12 juni 2026
Voornaamste resultaten
Nu ons voorzitterschap ten einde loopt, blik ik met tevredenheid terug op de bijdrage die Cyprus heeft geleverd op het gebied van economisch en financieel beleid. We hebben onder meer de baanbrekende lening van € 90 miljard voor Oekraïne afgerond, een akkoord over de modernisering van het douanekader van de EU bereikt en vooruitgang geboekt met het pakket marktintegratie en toezicht, een belangrijk resultaat voor de EU-leiders. Met al die inspanningen hebben we ons uiteindelijke doel als voorzitterschap bereikt: een autonomere Unie die openstaat voor de wereld.
Makis Keravnos, minister van Financiën van Cyprus
Mechanisme voor koolstofgrenscorrectie
De Raad heeft, in de aanloop naar de onderhandelingen met het Parlement, zijn standpunt bepaald over de versterking van het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie (CBAM).
Het toepassingsgebied van het CBAM wordt uitgebreid tot nieuwe producten en omzeiling van het mechanisme wordt moeilijker.
De EU blijft zich inzetten om de klimaatemissies zowel binnen de Unie als wereldwijd terug te dringen. Een sterker CBAM, zonder mazen in de wetgeving die tot omzeiling van de regels kunnen leiden, is hiervoor cruciaal. Het vandaag overeengekomen standpunt is de eerste stap op weg naar een robuuster systeem.
Makis Keravnos, minister van Financiën van Cyprus
Het CBAM is sinds 1 januari 2026 van kracht en stelt een billijke prijs vast voor koolstof die wordt uitgestoten tijdens de productie van ingevoerde goederen in de meest koolstofintensieve sectoren (ijzer en staal, cement, meststoffen, aluminium, elektriciteit en waterstof) en stimuleert een schonere industriële productie in niet-EU-landen.
Naast andere verbeteringen in het oorspronkelijke voorstel van de Commissie om het CBAM te versterken, heeft de Raad de lijst van nieuwe producten waarop het mechanisme zou worden toegepast, verfijnd en de Commissie opgedragen een jaarlijkse evaluatie uit te voeren van downstreamproducten die in de toekomst zouden kunnen worden opgenomen. Ook is nauwkeuriger omschreven welk proces moet worden gevolgd wanneer wordt besloten om bepaalde goederen vrij te stellen van het CBAM-kader in geval van ernstige en onvoorziene omstandigheden op de interne markt.
De Raad wisselde ook van gedachten over het pakket marktintegratie en -toezicht, een essentieel onderdeel van de spaar- en investeringsunie. Een akkoord over dit pakket is een van de doelstellingen van de routekaart "één Europa, één markt".
De ontwerpwetgeving moet de integratie van de EU-kapitaalmarkten verdiepen door belemmeringen voor grensoverschrijdende investeringen weg te nemen en het toezicht efficiënter te maken. Particulier spaargeld moet worden ingezet om de EU concurrerender te maken.
De ontwerpregels voorzien in een sterkere rol voor de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA), onder meer door haar governance te hervormen. Ze krijgt een grotere rol toebedeeld in het toezicht op gebieden die op EU-niveau zijn afgesproken, zoals belangrijke centrale tegenpartijen, centrale effectenbewaarinstellingen, en handelsplatformen.
Tijdens de bespreking toonden veel ministers zich voorstander van het toezicht van de ESMA op belangrijke grensoverschrijdende marktdeelnemers in de EU. Ze benadrukten dat het toezicht moet worden toegespitst op entiteiten met een reëel grensoverschrijdend en/of systeemrelevant belang.
Een aantal ministers onderstreepte dat er evenredige, objectieve en transparante criteria moeten worden bepaald om dat belang te bepalen. Die moeten een gelijke behandeling van entiteiten waarborgen, ook voor aanbieders van cryptoactivadiensten. Tegelijkertijd pleitten anderen voor een analyse van het voorgestelde groepscriterium. Talrijke ministers benadrukten dat de administratieve lasten en kosten voor bedrijven niet mogen stijgen.
Wat governance betreft, bespraken de ministers de verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de voorgestelde raad van bestuur voor de ESMA en de bestaande raad van toezichthouders. In het voorstel van de Commissie telt de nieuwe raad van bestuur 5 leden en spitst hij zich toe op toezichthoudende taken. De bestaande raad van toezichthouders, waarin een vertegenwoordiger van elke lidstaat zetelt, zou een bredere strategische rol behouden en bezwaar kunnen maken tegen sommige van de belangrijkste besluiten van de raad van bestuur.
Terwijl sommige lidstaten zich achter het voorstel van de Commissie schaarden voor een sterke rol voor de raad van bestuur om een robuuste en doeltreffende EU-besluitvorming op het gebied van toezicht te waarborgen, gaven veel ministers aan dat de nationale bevoegde autoriteiten en de raad van toezichthouders een betekenisvolle rol moeten blijven spelen, onder meer door hen actief te betrekken bij de besluitvorming op het gebied van toezicht.
De ministers hebben 2 besluiten genomen in het kader van het stabiliteits- en groeipact, de EU-regels die lidstaten ertoe moeten aansporen gezonde overheidsfinanciën na te streven en hun begrotingsbeleid te coördineren.
Ten eerste heeft de Raad besloten de buitensporigtekortprocedure ten aanzien van Malta, die voor het eerst in 2024 werd ingeleid, af te sluiten of in te trekken.
De intrekking was gerechtvaardigd omdat Malta erin geslaagd is zijn overheidstekort op duurzame wijze terug te dringen tot minder dan 3 % van het bbp.
Ook heeft de Raad de nationale ontsnappingsclausule voor Spanje in het kader van het stabiliteits- en groeipact geactiveerd. Hierdoor kan het land meer uitgeven aan defensie en tegelijkertijd zijn schuld houdbaar houden.
De nationale ontsnappingsclausule biedt een lidstaat de mogelijkheid om in uitzonderlijke omstandigheden buiten zijn controle tijdelijk af te wijken van de begrotingsvereisten en tegelijkertijd zijn schuld houdbaar te houden.
Dat brengt het aantal lidstaten waarvoor het verzoek om activering van de nationale ontsnappingsclausule op 18.
De Commissie heeft het voorjaarspakket 2026 van het Europees Semester gepresenteerd, dat op 3 juni is goedgekeurd.
Het bevat landspecifieke aanbevelingen voor alle lidstaten in verband met hun economisch, sociaal, werkgelegenheids-, structureel en begrotingsbeleid. De Raad zal die landspecifieke aanbevelingen wellicht in juli aannemen.
Op basis van actuele informatie van de Commissie wisselden de ministers van gedachten over de economische en financiële gevolgen van Ruslands agressie tegen Oekraïne. Dit is een terugkerend punt op de Ecofin-agenda.
De Raad nam uitvoeringsbesluiten aan tot goedkeuring van door België, Polen, Portugal, Slowakije en Spanje ingediende gerichte wijzigingen van hun herstel- en veerkrachtplannen.
De herstel- en veerkrachtfaciliteit levert de Europese economie grootschalige financiële steun om de gevolgen van de coronapandemie te boven te komen. De faciliteit staat centraal in NextGenerationEU, een tijdelijk herstelinstrument waarmee de Commissie middelen kan inzamelen om de onmiddellijke economische en sociale schade als gevolg van de pandemie te herstellen.
Om van de faciliteit gebruik te kunnen maken, moeten de lidstaten de Commissie herstel- en veerkrachtplannen voorleggen, waarin ze beschrijven welke hervormingen en investeringen ze uiterlijk eind augustus 2026 willen hebben uitgevoerd.
Tot op heden is ongeveer € 426 miljard uit de faciliteit uitbetaald.
De Raad heeft zonder debat het halfjaarlijkse verslag van de Raad Ecofin aan de Europese Raad over belastingaangelegenheden goedgekeurd. Dit verslag schetst de vooruitgang die de Raad tijdens het Cypriotisch voorzitterschap heeft geboekt (januari tot en met juni 2026) en de stand van zaken van de belangrijkste punten waarover momenteel wordt onderhandeld op het gebied van belastingen.
De ministers namen ook conclusies aan over de vorderingen van de EU-Groep gedragscode (belastingregeling ondernemingen) in dezelfde periode.
Dit document is momenteel alleen beschikbaar in de volgende talen: