"We gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren. Noodzakelijke cookies zijn nodig om essentiële functies van de website van de Raad te ondersteunen. Optionele cookies helpen ons om anonieme en geaggregeerde statistische overzichten op te stellen, om beter aan uw behoeften te voldoen.
Met uw toestemming gebruiken we cookies voor het genereren van geaggregeerde, anonieme gegevens over het browsegedrag van de gebruikers van onze website. We gebruiken deze gegevens om uw ervaring te verbeteren.
Raad Economische en Financiële Zaken, 10 juli 2026
Voornaamste resultaten
Spaar- en investeringsunie
Deze unanieme toezegging van de ministers weerspiegelt de sterke politieke wil om dit jaar een akkoord over het pakket marktintegratie en toezicht te bereiken, en het besef dat daarvoor een compromis tussen de lidstaten nodig zal zijn. Ik ben ervan overtuigd dat het een haalbaar akkoord is dat ook gunstig zal zijn voor alle lidstaten en diepere en efficiëntere kapitaalmarkten voor EU-burgers en -bedrijven zal opleveren.
Simon Harris, vicepremier en minister van Financiën van Ierland
De Raad wisselde van gedachten over het pakket marktintegratie en toezicht, een essentieel onderdeel van de spaar- en investeringsunie. Een akkoord over dit pakket is een van de doelstellingen van de routekaart "één Europa, één markt".
Op basis van een oriënterende nota van het voorzitterschap spraken de ministers de duidelijke politieke wil uit om uiterlijk in oktober tot een stevig en ambitieus onderhandelingsstandpunt van de Raad over het pakket te komen, en raakten zij het in grote lijnen eens over de centrale beleidskwesties die moeten worden opgelost om dat doel te bereiken.
De lidstaten schetsten hun prioriteiten voor de komende onderhandelingen. De Raad Ecofin nam nota van de gedachtewisseling. Het voorzitterschap zal zich beraden op de aan de orde gestelde kwesties, met inachtneming van het door de ministers goedgekeurde tijdschema.
De Raad droeg technische teams op hun werkzaamheden op te voeren om de door de EU-ministers van Financiën verklaarde ambitie te helpen waarmaken.
De ontwerpwetgeving inzake marktintegratie en toezicht moet de integratie van de EU-kapitaalmarkten verdiepen door belemmeringen voor grensoverschrijdende investeringen weg te nemen en het toezicht efficiënter te maken. Zo kan er meer particulier spaargeld worden ingezet om de EU concurrerender te maken.
De ontwerpregels voorzien in een sterkere rol voor de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA). Zo krijgt ze meer armslag in het toezicht op cruciale marktdeelnemers, zoals belangrijke centrale tegenpartijen, centrale effectenbewaarinstellingen, handelsplatforms en aanbieders van cryptoactivadiensten, en wordt haar governance hervormd.
Het Ierse voorzitterschap presenteerde zijn werkprogramma op het gebied van economische en financiële zaken voor de tweede jaarhelft.
Meer bepaald worden de werkzaamheden van het Ierse voorzitterschap geleid door 3 overkoepelende prioriteiten: concurrentievermogen, waarden en veiligheid, conform de strategische agenda 2024–2029 van de EU.
Op economisch en financieel gebied legt Ierland de nadruk op het versterken van het concurrentievermogen, de veerkracht en het vermogen van de EU om te reageren op een steeds uitdagender geopolitiek en economisch klimaat.
De prioriteiten van ons voorzitterschap weerspiegelen de grote uitdagingen waarmee de EU wordt geconfronteerd, maar ook de kansen die zich voordoen wanneer Europa eensgezind optreedt. Ik heb een ambitieus werkprogramma voor de rest van dit jaar opgesteld volgens de doelstellingen van de routekaart "Eén Europa, één markt". Om te slagen, moeten alle lidstaten en instellingen zich verenigen in een geest van hard werk en compromis. Ierland is bereid om vaart te zetten achter de lopende besprekingen voor een veilige en concurrerende EU, waarin de Europese waarden centraal staan.
Simon Harris, vicepremier en minister van Financiën van Ierland
De ministers besloten een buitensporigtekortprocedure (BTP) ten aanzien van Bulgarije te starten. Daarnaast namen ze een aanbeveling aan met een netto-uitgavepad en een tijdschema om het buitensporig tekort tussen nu en 2029 weg te werken.
Het BTP-mechanisme moet ervoor te zorgen dat EU-lidstaten hun begroting weer op orde brengen of op orde houden. Volgens artikel 126, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie wordt er een procedure gestart wanneer het overheidstekort van een lidstaat de referentiewaarde van 3% van het bruto binnenlands product (bbp) overschrijdt.
Dit besluit tot een nieuwe BTP is er gekomen naar aanleiding van het verwachte overheidstekort van Bulgarije van 4,1% van het bbp in 2026, dat volgens de prognoses ook in 2027 nog boven de 3% van het bbp zal blijven. Dat Bulgarije de nationale ontsnappingsclausule voor defensie-uitgaven in het kader van het stabiliteits- en groeipact heeft ingeroepen, biedt geen volledige verklaring van de overschrijding van de 3%-drempel.
In zijn aanbeveling stelt de Raad dat Bulgarije daarom doeltreffende actie moet ondernemen en uiterlijk op 15 oktober 2026 de nodige maatregelen moet voorstellen om zijn tekort terug te dringen. Daarnaast moet Bulgarije de nominale cumulatieve groei van zijn netto-uitgaven op maximaal 4,2% in 2026, 7,7% in 2027, 11,4% in 2028 en 15% in 2029 houden.
De Raad nam in het kader van het Europees Semester 2026 zijn aanbevelingen aan voor het economisch, sociaal, werkgelegenheids-, structureel- en begrotingsbeleid van elke lidstaat.
Dit jaar ligt de nadruk in deze landspecifieke aanbevelingen (LSA's) vooral op concurrentievermogen, energiezekerheid, economische veiligheid, defensiegereedheid en sociale rechtvaardigheid.
De lidstaten worden daarom opgeroepen vooruitgang te boeken met topprioriteiten ter ondersteuning van het concurrentievermogen, fondsen van het cohesiebeleid snel uit te voeren en hervormingen en investeringen in het kader van de herstel- en veerkrachtfaciliteit verder te verwezenlijken.
De Raad deed ook begrotingsaanbevelingen. Deze gaan over het bereiken of behouden van gezonde overheidsfinanciën en voorzichtige uitvoering van energiegerelateerde maatregelen binnen de grenzen van de EU-regels voor economische governance.
De Raad keurde ook conclusies goed over de diepgaande evaluaties in het kader van de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden (PMO) voor 2026. Deze procedure moet macro-economische onevenwichtigheden die schadelijk kunnen zijn voor de economische stabiliteit in een bepaalde lidstaat, de eurozone of de EU als geheel, opsporen, voorkomen en aanpakken.
De Raad keurde een nieuw herstel- en veerkrachtplan voor Hongarije goed.Daarmee krijgt Hongarije € 10 miljard, waarvan zowat € 6,5 miljard aan subsidies en € 3,5 miljard aan leningen.
Deze goedkeuring kwam er nadat Hongarije onlangs zijn nieuwe plan had ingediend na vertragingen bij het bereiken van de supermijlpalen in het vorige plan, waardoor dat niet meer haalbaar was vanwege hogere kosten als gevolg van energieprijsvolatiliteit, onverwachte verschuivingen in geopolitieke omstandigheden, onvoorziene uitvoeringsuitdagingen, vertragingen door tijds- of planningsdruk, en andere ontwikkelingen.
De ministers keurden tegelijkertijd gerichte wijzigingen goed aan de nationale plannen van Cyprus, Duitsland, Finland, Letland, Litouwen, Luxemburg, Nederland en Slovenië.
Herstel- en veerkrachtplannen bevatten nationale hervormings- en investeringsagenda's in het kader van de herstel- en veerkrachtfaciliteit. Dit is de centrale as van NextGenerationEU, het tijdelijke EU-instrument om de groene en de digitale transitie in de lidstaten te vergemakkelijken en te versnellen en tegelijkertijd de veerkracht, cohesie en duurzame groei te bevorderen.
Om van de faciliteit te kunnen gebruikmaken, moeten de lidstaten bij de Commissie herstel- en veerkrachtplannen indienen waarin ze beschrijven welke hervormingen en investeringen ze vóór eind augustus 2026 willen hebben uitgevoerd.
Tot op heden is ongeveer € 429 miljard uit de faciliteit uitbetaald.
De Raad bepaalde het maximale netto-uitgavepad voor Nederland, een belangrijk onderdeel van het budgettair-structureel plan voor de middellange termijn van het land.
Volgens het EU-kader voor economische governance, dat sinds eind april 2024 van kracht is, moeten de lidstaten nationale budgettair-structurele plannen voor de middellange termijn indienen voor 4 tot 5 jaar, naargelang hun verkiezingscyclus.
Die plannen vormen een hoeksteen van het nieuwe EU-kader voor economische governance: ze omvatten het begrotingstraject van de lidstaten, samen met de beoogde hervormingen en investeringen.
De door de Raad vastgelegde netto-uitgavepaden vormen de belangrijkste operationele indicator voor het begrotingstoezicht op EU-niveau. Deze budgettaire beperking zal tot 2030 als kader voor het nationale begrotingsbeleid van Nederland dienen, en helpen bepalen of de financiën van het land gezond zijn.
Op basis van actuele informatie van de Commissie wisselden de ministers van gedachten over de economische en financiële gevolgen van Ruslands agressie tegen Oekraïne. Dit is een terugkerend punt op de Ecofin-agenda.