Mechanisme voor koolstofgrenscorrectie
Het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie zorgt ervoor dat producenten van buiten de EU bij de verkoop van goederen in de EU dezelfde koolstofkosten moeten dragen als EU-producenten.
Hoe probeert de EU koolstoflekkage te voorkomen?
In bepaalde sectoren moeten industriële producenten in de EU hun CO2-emissies compenseren met emissierechten uit de EU-regeling voor de emissiehandel (EU-ETS). Productie buiten de EU valt echter niet onder die regeling. Dit brengt het risico met zich mee dat koolstofintensieve productie wordt verplaatst naar landen met een lakser klimaatbeleid en dat de invoer van zulke producten een prijsvoordeel oplevert ten koste van het milieu. Dit staat bekend als koolstoflekkage.
Het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie (carbon border adjustment mechanism – CBAM) van de EU moet koolstoflekkage bestrijden. Het CBAM bepaalt een eerlijke prijs voor koolstof die wordt uitgestoten tijdens de productie van ingevoerde goederen in de meest koolstofintensieve sectoren (ijzer en staal, cement, meststoffen, aluminium, elektriciteit en waterstof) en stimuleert een schonere industriële productie in niet-EU-landen.
De CBAM-verordening werd in april 2023 aangenomen en is sinds 1 januari 2026 volledig operationeel.
Hoe werkt het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie?
Op grond van het CBAM moeten EU-importeurs CBAM-certificaten kopen voor een bedrag gelijk aan de prijs van de ETS-emissierechten die producenten binnen de EU moeten betalen voor hun CO2-emissies.
Het CBAM functioneert parallel met het ETS, dat industrieën met en hoge uitstoot in de EU aanmoedigt om hun emissies te verminderen. Het weerspiegelt de gevolgen van het ETS voor niet-EU-producenten. Bovendien moedigt het andere landen ertoe aan koolstof te beprijzen.
Welke producten vallen hieronder?
Het CBAM heeft betrekking op sectoren met hoge koolstofemissies en een hoog risico op koolstoflekkage.
ijzer en staal
cement
meststoffen
aluminium
elektriciteit
waterstofproductie
Daarnaast heeft de verordening betrekking op bepaalde precursoren en downstreamproducten (producten die zich in de waardeketen boven of onder producten die onder het CBAM vallen bevinden).
Ook indirecte emissies, die duidelijk gedefinieerd worden, vallen onder de verordening.
Versterking van de mechanismen
In het kader van het Omnibus I-wetgevingspakket nam de Raad in september 2025 een reeks wijzigingen aan om het CBAM te vereenvoudigen, ook op administratief niveau. De verordening is op 20 oktober 2025 in werking getreden.
In december 2025 heeft de Europese Commissie verdere maatregelen voorgesteld om het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie te versterken en uit te breiden. Dat voorstel omvat:
- de uitbreiding van het toepassingsgebied van het CBAM tot meer "downstreamproducten" die geen grondstoffen zijn, maar grote hoeveelheden ijzer, staal of aluminium bevatten
- anti-ontwijkingsmaatregelen om te voorkomen dat CBAM-verplichtingen worden omzeild
- de verbetering van de technische regels voor de toewijzing van emissies aan elektriciteit, waardoor de decarbonisatie van ingevoerde elektriciteit zal worden aangemoedigd
Op 12 juni 2026 heeft de Raad zijn standpunt over het voorstel bepaald. De Raad steunt de uitbreiding van het CBAM tot bepaalde downstreamproducten, na verfijning van de lijst van betrokken producten. Ook steunt hij de invoering van nieuwe anti-ontwijkingsmaatregelen, en zorgt hij voor duidelijkere voorwaarden waaronder in uitzonderlijke omstandigheden tijdelijke vrijstellingen kunnen worden verleend.
De onderhandelingen met het Europees Parlement over de definitieve wetgeving gaan van start zodra het Parlement zijn standpunt heeft bepaald.
Zie ook
Fit for 55
Europese Green Deal
Industriële emissies
Laatst bijgewerkt: 12 juni 2026