Toelichting bij het begrotingsinstrument voor de eurozone
Wat is het begrotingsinstrument voor convergentie en concurrentievermogen (BICC)?
Het BICC is een begrotingsinstrument voor de eurozone. Het zal pakketten van structurele hervormingen en overheidsinvesteringen financieren om de groei van de economieën van de eurozone en de weerbaarheid van de eenheidsmunt tegen economische schokken te versterken.
Hoewel het BICC in de EU-begroting is geworteld, verschilt het in veel opzichten van de bestaande EU-instrumenten. De Eurotop en de Eurogroep zullen elk jaar strategische sturing voor het BICC verstrekken, terwijl de Commissie het instrument zal beheren.
De argumenten voor een op de eurozone gericht instrument kregen na de crisis meer gewicht, wat nog werd versterkt door de toenemende verschillen tussen de leden van de eurozone. Het ontbrak de eurozone aan instrumenten om het concurrentievermogen en de convergentie tussen haar leden te bevorderen en de economische coördinatie te versterken. Als dit instrument goed is afgestemd, kan het een drijvende factor worden voor inclusieve en duurzame groei.
Lidstaten buiten de eurozone die deelnemen aan het wisselkoersmechanisme II zullen op vrijwillige basis kunnen meedoen.
Wanneer gaat het van start?
Er wordt verwacht dat het mechanisme gelijktijdig operationeel zal worden met de EU-begroting 2021‑2027 (ook bekend als het meerjarig financieel kader), die in 2021 in werking moet treden.
Hoeveel geld zal er beschikbaar zijn?
Het BICC zal vanuit de EU-begroting worden gefinancierd. Er is nog geen besluit genomen over hoeveel middelen het BICC ter beschikking krijgt. De EU-leiders zullen dat doen in het kader van de onderhandelingen over de EU-begroting.
Om de omvang van het BICC tijdens de onderhandelingen over de EU-begroting 2021‑27 te kunnen bepalen, is het Finse voorzitterschap van de Raad – dat de onderhandelingen leidt en door de EU-leiders is gevraagd een onderhandelingskader in te dienen – van plan rekening te houden met het aandeel van de eurozone in een specifiek begrotingsonderdeel dat in het voorstel van de Commissie voor het EU-begrotingspakket 2021‑27 is opgenomen. Dat begrotingsonderdeel betreft het hervormingsinstrument, dat in eerste instantie is ontworpen ter ondersteuning van hervormingsinitiatieven in alle EU-landen. In haar voorstel trok de Commissie daarvoor € 25 miljard uit, waarvan ongeveer € 17 miljard naar de 19 landen van de eurozone zou gaan. Die bedragen zijn in dit stadium zuiver indicatief.
Wie zal het instrument beheren? Wat is de rol van de Eurogroep?
De landen van de eurozone zullen strategische sturing voor het instrument verstrekken, terwijl de Commissie zal toezien op de uitvoering ervan en steun zal verlenen aan de lidstaten.
De regeringen van de eurozone zullen de prioriteiten voor investeringen en hervormingen in de hele eurozone bepalen, en die prioriteiten zullen dan de basis vormen waarop de door elk land ingediende projecten worden beoordeeld.
Hoe sluit dit aan bij het Europees Semester?
Het selectieproces voor de hervormings- en investeringsprojecten die het BICC zal steunen, zal voortbouwen op het tijdschema van het Europees Semester.
Als eerste stap zullen de landen van de eurozone de prioriteiten voor hervormingen en investeringen bespreken. Dat zal worden gevolgd door krachtiger geformuleerde aanbevelingen voor de eurozone, die een belangrijk onderdeel van het Semester zijn.
De lidstaten zullen daarna voorstellen indienen die moeten bestaan uit hervormings- en investeringspakketten die aan de nationale hervormingsprogramma's zijn gekoppeld. De Commissie zal bij de beoordeling van de projecten rekening houden met de bestaande landspecifieke aanbevelingen.
De voorstellen van de lidstaten zullen niet alleen gaan over de geraamde kosten van de investeringen en – indien van toepassing – van de structurele hervormingen en de motivering van deze geraamde kosten, maar ook het tijdschema voor de uitvoering ervan en de mijlpalen en streefdoelen moeten erin worden vermeld.
Welke rol zullen de nationale parlementen in het BICC spelen?
Het begrotingsinstrument zal deel uitmaken van de EU-begroting, wat betekent dat het Europees Parlement en ook de Europese Rekenkamer een belangrijke rol zullen spelen.
De Commissie zal verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de begroting. Het gebruik van de middelen zal worden onderworpen aan de controle van de Europese Rekenkamer en de kwijting van het Europees Parlement.
Tegelijkertijd krijgen de nationale parlementen de kans om zich uit te spreken over de nationale voorstellen voor projecten die voor steun in aanmerking komen.
Wat is de redenering achter het idee van een begroting voor de eurozone?
Dat de economische en monetaire unie geen begrotingspijler heeft om het gemeenschappelijk monetair beleid te flankeren, is al geruime tijd een onderwerp van discussie tussen beleidsmakers en economen.
In de huidige situatie is het begrotingsbeleid geen gedeelde bevoegdheid, maar wordt het bepaald door de nationale autoriteiten, die zich wel aan de gemeenschappelijk overeengekomen begrotingsregels moeten houden.
Met het BICC ontstaat een nieuw begrotingsinstrument voor de eurozone. Door de convergentie en het concurrentievermogen te bevorderen, wil dit instrument de economieën van de eurozone dichter bij elkaar brengen. Dat zou het monetair beleid doeltreffender moeten maken en zo de bezorgdheid over de noodzaak van permanente begrotingsoverdrachten moeten tegengaan.
Hoe gaan de landen dit instrument financieren?
Het instrument zal vanuit de EU-begroting worden gefinancierd. De begroting komt tot stand met bijdragen van de lidstaten, die grotendeels afhangen van de omvang van hun economie.
In de verordening zal een bepaling worden opgenomen die het de deelnemende leden mogelijk maakt het instrument te financieren met nationale bijdragen bovenop de zogenaamde eigen middelen van de EU-begroting. Hiervoor zou een intergouvernementele overeenkomst moeten worden gesloten.
De technische werkzaamheden op dit gebied worden voortgezet en er zal een definitief besluit worden genomen in het kader van de onderhandelingen over de EU-begroting.
Zal het BICC uitbetalingen verrichten via subsidies of leningen, of beide?
De steun zal worden verleend in de vorm van subsidies. Met andere woorden: rechtstreekse financiële bijdragen. De kostenraming, binnen het budget per lidstaat op basis van de verdeelsleutel, zal bepalend zijn voor het bedrag van de steun dat een lidstaat voor een bepaald project zal ontvangen.
Wat is het verschil tussen het BICC en andere structuurfondsen?
Door zijn specifieke beheer en de flexibiliteit bij de toewijzing en besteding van de middelen onderscheidt het BICC zich van andere EU-begrotingsinstrumenten, meer bepaald de structuurfondsen.
Het instrument is bedoeld om in te spelen op de veranderende uitdagingen voor de leden van de eurozone. Daartoe zullen de leden van de eurozone elk jaar samen beslissen hoe het geld moet worden gebruikt, om zichzelf de ruimte te geven voor een doeltreffende economische sturing.
Om dit proces te versterken, zal het instrument een zekere flexibiliteit bieden bij de verdeling van de middelen over de landen, zodat rekening kan worden gehouden met hun prioriteiten.
Dat is anders dan bij de meerjarenbegroting van de EU, waarvan een groot deel vooraf wordt toegewezen.
Zullen de landen moeten cofinancieren?
De lidstaten moeten zelf een duit in het zakje doen. In normale tijden zullen de nationale overheden 25% van de kosten van de in aanmerking komende projecten dragen. In moeilijke economische omstandigheden, zoals omschreven in het stabiliteits- en groeipact, wordt dit cofinancieringspercentage verlaagd.
Beschikt het BICC over een stabilisatiefunctie?
Het BICC is gericht op convergentie en concurrentievermogen. In tijden van crisis zijn de middelen schaars, en daar lijden investeringen vaak het zwaarst onder. Om het investeringsniveau te beschermen, zullen de nationale cofinancieringspercentages in moeilijke economische omstandigheden worden verlaagd. Dat zal helpen om de economie te ondersteunen.
Er zijn technische besprekingen aan de gang over een stabilisatie-instrument, zoals een gemeenschappelijk herverzekeringssysteem voor werkloosheid of een zogenaamd "rainy day fund". Daar is echter nog geen consensus over.
Hoe zal het geld van het BICC worden verdeeld?
Alle landen van de eurozone zullen uit het BICC voordeel halen.
Minstens 80% van de middelen zal per land worden verdeeld volgens twee criteria: het omgekeerde bbp per capita en het bevolkingscijfer. Geen enkel land zal minder dan 70% van zijn aandeel ontvangen, wat betekent dat alle landen ten minste zeven van de tien euro die ze aan de pot hebben bijgedragen, terugkrijgen.
De rest van de middelen – tot 20% van het BICC – zal flexibel worden gebruikt om op landspecifieke uitdagingen te reageren door bijzonder ambitieuze hervormings- en investeringspakketten te ondersteunen.
Zijn er voorwaarden verbonden aan de BICC-middelen?
Er bestaan geen BICC-specifieke beleidsvoorwaarden. De beleidsvoorwaarden die de toegang tot EU-begrotingsmiddelen beperken, zullen ook voor het BICC gelden.
Dit betekent dat financiering afhankelijk zal zijn van de macro-economische voorwaarden die in de verordening gemeenschappelijke bepalingen zijn vastgelegd en van de naleving van de horizontale regels die van toepassing zijn op de uitvoering van de EU-begroting (bv. het Financieel Reglement).
Daarnaast moeten de lidstaten de afspraken nakomen die verband houden met de uitvoering van de voorgestelde pakketten van structurele hervormingen en investeringen.
Wie heeft besloten een BICC op te richten? En wanneer?
Nadat de euro de financiële crisis had doorstaan, was men het erover eens dat er verdere stappen nodig waren om de euro weerbaarder te maken en de economieën beter te beschermen tegen economische schokken.
Daarom kregen de ministers in december 2017 van de EU-leiders de opdracht om het Europees Stabiliteitsmechanisme te ontwikkelen, een achtervangmechanisme voor de afwikkeling van banken op te zetten en de bankenunie te voltooien.
Onder het voorzitterschap van Mário Centeno had de Eurogroep (in inclusieve samenstelling) in de eerste helft van 2018 een oriënterende discussie over een begroting voor de eurozone, op basis van bijdragen van Frankrijk en Duitsland.
Naar aanleiding daarvan schreef Mário Centeno een brief aan de toenmalige voorzitter van de Europese Raad, Donald Tusk, met daarin een uitgebreide lijst van alle openstaande punten die tijdens de besprekingen naar voren waren gekomen en die deel zouden kunnen uitmaken van de lijst van hervormingen van het eurogebied. In juni 2018 verzochten de EU-leiders de Eurogroep om aan alle punten te werken.
In december schreef de voorzitter van de Eurogroep in een brief aan voorzitter Tusk dat de ministers bereid waren te werken aan "het ontwerp, de uitvoering en de timing van een begrotingsinstrument voor convergentie en concurrentievermogen".
De EU-leiders gaven de Eurogroep dan de opdracht om de kernelementen van het BICC te bepalen, waarna deze in juni 2019 aan de EU-leiders werden voorgelegd en opnieuw door hen werden bevestigd.