Hoe de EU op crises reageert en veerkracht opbouwt
De EU werkt op verschillende fronten om beter op crises en toekomstige uitdagingen te reageren.
Omgaan met toekomstige noodsituaties
De Europese Unie heeft in haar geschiedenis voor tal van crises gestaan, en ze heeft geleidelijk veranderingen op beleids- en institutioneel vlak doorgevoerd om toekomstige crises beter het hoofd te kunnen bieden.
De COVID‑19 pandemie heeft duidelijk gemaakt dat crises steeds complexer worden en niet stoppen aan de grenzen. De EU en haar lidstaten beschikken reeds over grensoverschrijdende samenwerkings- en solidariteitsmechanismen om crises doeltreffend te beheersen en mensen te beschermen.
Toch moet de respons van de EU op crises worden bijgesteld. In de toekomst moet de EU klaar zijn om het hoofd te bieden aan acute crises van uiteenlopende aard, die veelzijdig of hybride kunnen zijn, watervaleffecten kunnen hebben of zich gelijktijdig kunnen voordoen.
Om haar veerkracht tegen toekomstige uitdagingen te vergroten, zal de EU haar sector- en grensoverschrijdend crisisbeheer moeten verbeteren. Ze zal bovendien de crisiscommunicatie moeten verfijnen en de strijd tegen desinformatie moeten opvoeren. Veerkracht is het vermogen om niet alleen uitdagingen aan te gaan en te overwinnen, maar ook om transities op een duurzame, billijke en democratische manier te doorlopen.
In november 2021 nam de Raad conclusies aan over het vergroten van de paraatheid, de responscapaciteit en de bestendigheid ten aanzien van toekomstige crises. Op 16 december 2021 verwelkomden de EU‑leiders deze conclusies en riepen zij op tot "het versterken van de crisisrespons van de EU volgens een alle risico's omvattende aanpak", en tot "het opbouwen en monitoren van weerbaarheid".
Gezien de onmisbare rol van de eengemaakte markt voor de EU benadrukt de Raad dat crisisgerelateerde maatregelen tijdelijk, evenredig en volledig gecoördineerd moeten zijn, teneinde de normale werking van de eengemaakte markt, inclusief het vrije verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal, zoals bepaald in de Verdragen, zo spoedig mogelijk te hervatten. Conclusies van de Raad, november 2021
Crisisresponsmechanismen in de EU
Wanneer zich een crisis of een ramp voordoet, veroorzaakt door de natuur of de mens, kan de EU een beroep doen op verschillende crisisresponsmechanismen om hulp te bieden en de situatie op te lossen.
Uniemechanisme voor civiele bescherming
Het Uniemechanisme voor civiele bescherming coördineert de respons op natuur‑rampen en door de mens veroorzaakte rampen op EU‑niveau. Met het mechanisme worden de volgende doelen nagestreefd:
- bevorderen van samenwerking tussen nationale instanties voor civiele bescherming
- vergroten van het bewustzijn en de paraatheid van het publiek met betrekking tot rampen
- mogelijk maken van snelle, doeltreffende en gecoördineerde hulpverlening aan de getroffen landen
Het Coördinatiecentrum voor respons in noodsituaties (ERCC) is het operationele hart van het mechanisme voor civiele bescherming: het is 24/7 actief en coördineert de EU‑inspanningen op het gebied van rampenbestrijding.
Het omvat ook een Europese pool voor civiele bescherming. Dit is een vrijwillige pool van vooraf door de lidstaten ter beschikking gestelde middelen die onmiddellijk binnen of buiten de EU kan worden ingezet.
Het EU-mechanisme voor civiele bescherming in cijfers (Infographic)
In maart 2022 nam de Raad conclusies over civiele bescherming in verband met klimaatverandering aan. Omdat extreme weersomstandigheden vaker voorkomen en heviger worden, willen de ministers dat de systemen voor civiele bescherming aan zulke gebeurtenissen worden aangepast, zodat de EU beter bestand is tegen de klimaatverandering.
De lidstaten wordt onder meer om de volgende acties verzocht:
- investeren in onderzoek en innovatie
- werken aan adequate preventie- en paraatheidsacties
- de capaciteiten op het gebied van civiele bescherming ontwikkelen
- de paraatheid van de burgers verbeteren door meer informatie te verstrekken
- burgers en vrijwilligers aanmoedigen om deel te nemen aan initiatieven voor civiele bescherming
Crisiscoördinatie in de Raad
De geïntegreerde EU‑regeling politieke crisisrespons (IPCR) ondersteunt snelle en gecoördineerde politieke besluitvorming op EU‑niveau bij ernstige en complexe crises, waaronder terreurdaden.
Via dit mechanisme coördineert het voorzitterschap van de Raad de politieke respons op crises door EU‑instellingen, getroffen lidstaten en andere belangrijke actoren samen te brengen.
Het IPCR‑mechanisme is momenteel geactiveerd om de EU‑maatregelen naar aanleiding van de migratiecrisis en de uitbraak van COVID‑19 te coördineren. Het kan worden geactiveerd door het voorzitterschap of na het inroepen van de solidariteitsclausule door een lidstaat.
Hoe werkt het IPCR-crisisresponsmechanisme? (Infographic)
Solidariteitsfonds van de Europese Unie
Het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (SFEU) werd in 2002 opgericht om te kunnen reageren op grote natuurrampen en uit solidariteit Europese regio's te kunnen helpen die door een ramp worden getroffen. De lidstaten kunnen na een ramp, zoals een overstroming, bosbrand, aardbeving, storm of droogte, middelen uit dit fonds aanvragen.
Na de uitbraak van de coronapandemie werd dit solidariteitsfonds in april 2020 uitgebreid zodat ook noodsituaties voor de volksgezondheid in aanmerking komen.
Sinds de oprichting ervan is het fonds al gebruikt om te reageren op 118 natuurrampen en 20 noodsituaties op het gebied van de volksgezondheid.
- Solidariteitsfonds van de EU (Europese Commissie)
- COVID-19 - Raad neemt maatregelen aan om onmiddellijk middelen vrij te maken (persmededeling, 30 maart 2020)
- EU-begroting: Raad geeft groen licht voor € 454,8 miljoen aan noodhulp voor Roemenië, Italië en Turkije (persmededeling, 18 september 2023)
- Solidariteitsfonds van de Europese Unie: Raad stemt in met € 1 028,54 miljoen aan noodhulp (persmededeling, 23 september 2024)
- Solidariteitsfonds van de Europese Unie: Raad geeft groen licht voor € 116 miljoen noodhulp voor Duitsland en Italië (persmededeling, 18 november 2024)
Voorbereid zijn op toekomstige gezondheidscrises
Tijdens de COVID‑19-pandemie is duidelijk gebleken dat de EU gecoördineerd, tijdig en efficiënt moet optreden bij gezondheidscrises.
Op basis van de geleerde lessen uit de pandemie heeft de EU 4 verordeningen inzake de Europese gezondheidsunie aangenomen. Doel is de Unie beter in staat te stellen grensoverschrijdende noodsituaties op gezondheidsgebied te voorkomen en te detecteren en in zulke gevallen snel te handelen. Het wetgevingspakket bestaat uit:
- een nieuwe verordening inzake ernstige grensoverschrijdende gezondheidsbedreigingen
- herziene mandaten voor het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) en het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA)
- een noodkader voor medische tegenmaatregelen
Daarnaast heeft de Europese Commissie in september 2021 de Autoriteit voor paraatheid en respons inzake noodsituaties op gezondheidsgebied (HERA) opgericht. De HERA moet zorgen voor de ontwikkeling, productie, aankoop en billijke distributie van essentiële medische tegenmaatregelen in de EU.
Crisisplan voedselzekerheid
In het begin van de coronapandemie is gebleken dat de Europese voedselvoorzieningsketen kwetsbaar is. In november 2021 publiceerde de Commissie een mededeling met een noodplan om de voedselzekerheid in Europa te waarborgen tijdens crises.
De voorgestelde maatregelen moeten de EU helpen bij uitdagingen zoals extreme weersomstandigheden, problemen met de gezondheid van planten en dieren en tekorten aan belangrijke productiemiddelen zoals meststoffen, energie en arbeid. Zo wordt voorgesteld om een Europees mechanisme voor paraatheid en respons bij voedselzekerheidscrises (EFSCM) op te zetten, alsook een deskundigengroep met specialisten uit de lidstaten, relevante actoren en vertegenwoordigers van derde landen die regelmatig bijeen zouden komen om erop toe te zien dat de EU voorbereid is op alle mogelijke uitdagingen op het gebied van de voedselvoorziening.
Tijdens de Raad Landbouw en Visserij van december keurden de EU‑ministers conclusies over het plan goed. Daarin erkenden zij dat het Europese voedselsysteem moet worden versterkt om risico's en crises in de toekomst aan te kunnen. De ministers waren het erover eens dat de lessen die uit de pandemie zijn getrokken, moeten worden meegenomen in de EU‑aanpak van rampen in de toekomst.
De EU-landbouwministers hielden in maart 2022 een videoconferentie over het risico van aanzienlijke gevolgen voor de agrovoedingssector na de invasie van Oekraïne door Rusland. Naast de bespreking van andere maatregelen kregen zij een update van de Commissie over haar plan om het EFSCM te activeren om de marktsituatie te monitoren.
Wet inzake noodsituaties en veerkracht voor de interne markt
In september 2024 nam de Raad de verordening noodsituaties en veerkracht voor de interne markt (Imera) aan.
De bedoeling is dat de EU dankzij de Imera met gebruikmaking van de kracht van de interne markt kan anticiperen, zich voorbereiden en reageren op de gevolgen van toekomstige crises.
Dit nieuwe mechanisme bouwt voort op de lessen uit recente noodsituaties als de coronapandemie, de Russische oorlog tegen Oekraïne en de energiecrisis, en moet in tijden van crisis de interne markt versterken door:
- het verkeer van goederen, diensten en persoon te vergemakkelijken
- aanvoerketens te monitoren
- de toegang tot kritieke goederen te waarborgen
Wet inzake noodsituaties en veerkracht voor de interne markt
Dwanglicenties
De EU heeft nieuwe regels ontwikkeld voor een kader voor dwanglicenties dat op het hele grondgebied van de EU van toepassing zal zijn.
Een dwanglicentie maakt het voor de overheid mogelijk om een derde toe te staan een octrooi te gebruiken zonder toestemming van de octrooihouder.
In crisissituaties kunnen dwanglicenties helpen om toch de nodige producten en technologieën in handen te krijgen in situaties, ook al is de octrooihouder niet in staat de nodige hoeveelheden te produceren en is een vrijwillige overeenkomst niet mogelijk.
De dwanglicentie mag pas worden verleend na de activering van een nood- of crisisfase op EU-niveau.
Op 27 oktober 2025 keurde de Raad de nieuwe verordening goed die:
- benadrukt dat dwanglicenties een laatste redmiddel zijn
- gas, computerchips en defensieproducten buiten haar toepassingsgebied laat
- ervoor zorgt dat er geen verplichting bestaat om bedrijfsgeheimen openbaar te maken
Veerkracht op het gebied van fysieke en digitale risico's
Tijdens zijn bijeenkomst van 20 en 21 oktober 2022 veroordeelde de Europese Raad met klem de sabotage van kritieke infrastructuur, zoals die van de Nord Stream-pijpleidingen. De EU zal op elke opzettelijke verstoring van kritieke infrastructuur en op elke andere hybride actie eensgezind en vastberaden reageren.
Om de veerkracht van kritieke infrastructuur te vergroten riep de Europese Raad de lidstaten op:
- dringende en doeltreffende maatregelen te nemen
- met elkaar, met de Commissie en met andere relevante actoren samen te werken
De EU werkt aan nieuwe regels om fysieke en digitale kritieke entiteiten veerkrachtiger te maken.
Beveiliging van netwerk- en informatiesystemen
In 2016 nam de EU de richtlijn inzake de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen (NIS) aan. Deze NIS-richtlijn is de allereerste EU‑brede wetgevingsmaatregel die moet zorgen voor samenwerking tussen de EU‑landen op dit zeer belangrijke terrein van de cyberbeveiliging.
In de richtlijn staan beveiligingsverplichtingen voor exploitanten van essentiële diensten in kritieke sectoren, zoals ziekenhuizen, energienetten, spoorwegen, datacentra, overheidsdiensten, onderzoekslabs en fabrieken die kritieke medische apparatuur en geneesmiddelen vervaardigen. Deze wetgeving was dan ook een cruciale stap in de richting van een grotere cyberveerkracht in de EU.
In het kader van de EU‑strategie inzake cyberbeveiliging heeft de Europese Commissie in december 2020 een herziene NIS‑richtlijn (NIS2) voorgesteld. Het voorstel is een reactie op het veranderende dreigingslandschap en de digitale transformatie van onze samenleving, die door de coronacrisis in een stroomversnelling is geraakt.
De Raad en het Parlement bereikten een voorlopig akkoord over nieuwe maatregelen voor:
- betere risico- en incidentenbeheersing en samenwerking
- uitbreiding van het toepassingsgebied
Bescherming van kritieke infrastructuur
In december 2022 nam de Raad nieuwe regels aan om kritieke sectoren zoals energie, water, vervoer en gezondheid in staat te stellen de volgende gevaren te voorkomen, zich ertegen te beschermen, erop te reageren en ervan te herstellen:
- hybride aanvallen
- natuurrampen
- terroristische dreigingen
- noodsituaties voor de volksgezondheid
Doel is kritieke entiteiten minder kwetsbaar en weerbaarder te maken.
Kritieke entiteiten verlenen essentiële diensten die van cruciaal belang zijn voor vitale maatschappelijke functies, economische activiteiten, de volksgezondheid en de openbare veiligheid, en het milieu. Een van de belangrijkste onderdelen van een kritieke entiteit is haar infrastructuur. Daarbij kan het gaan om middelen, faciliteiten, apparatuur, netwerken of systemen die nodig zijn voor de levering van een essentiële dienst.
Volgens de nieuwe regels moeten kritieke entiteiten:
- alle risico's die de verlening van essentiële diensten aanzienlijk kunnen verstoren in kaart brengen
- maatregelen nemen om hun veerkracht te waarborgen
- de bevoegde autoriteiten in kennis stellen van verstorende incidenten
De Raad nam in december 2022 ook een aanbeveling aan over de veerkracht van kritieke infrastructuur om te reageren op de sabotage van de Nord Stream-pijpleiding.
De aanbeveling stelt de EU beter in staat om haar kritieke infrastructuur te beschermen en bestrijkt 3 prioritaire gebieden: paraatheid, respons en internationale samenwerking.
IT-beveiliging van de financiële sector
Op 28 november 2022 nam de Raad de verordening digitale operationele veerkracht (DORA) aan, om de IT-beveiliging van financiële entiteiten verder te versterken.
DORA stelt uniforme vereisten vast voor de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van:
- ondernemingen en organisaties in de financiële sector
- cruciale derde partijen die ICT-gerelateerde diensten aan hen leveren
Deze wet schept een regelgevingskader voor digitale operationele veerkracht. Dat houdt in dat alle ondernemingen ervoor moeten zorgen dat ze bestand zijn tegen, kunnen reageren op, en kunnen herstellen van alle soorten ICT-gerelateerde verstoringen en dreigingen.
De nieuwe regels vormen een zeer robuust kader dat de IT-beveiliging van de financiële sector versterkt, waarbij cyberdreigingen worden voorkomen en beperkt.
Digitaal geldwezen
Laatst bijgewerkt: 26 mei 2025