Skip to content
  • Raad Buitenlandse Zaken

Raad Buitenlandse Zaken, 29 januari 2026

Voornaamste resultaten

Ruslands agressie tegen Oekraïne

De bespreking van de Russische agressie tegen Oekraïne begon met een videogesprek met Oekraïens minister van Buitenlandse Zaken Andrii Sybiha. Hij schetste de situatie ter plaatse, de dringendste prioriteiten van het land, en de recente diplomatieke ontwikkelingen.

De daaropvolgende bespreking tussen de EU-27 draaide rond de grootschalige Russische aanvallen op de Oekraïense energie-infrastructuur en de noodzaak om Oekraïne energiesteun te verlenen.

<p>Kaja Kallas, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en voorzitter van de Raad Buitenlandse Zaken</p>

De aanvallen op civiele infrastructuur, zoals energievoorzieningen, ziekenhuizen, scholen en appartementsgebouwen zijn een oorlogsmisdrijf. Rusland kan het niet halen op het slagveld en tracht daarom de winter als wapen te gebruiken. Energie is nu de nieuwe frontlinie. Als antwoord komt de EU met het grootste wintersteunpakket ooit.

<p>Kaja Kallas, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en voorzitter van de Raad Buitenlandse Zaken</p>

Kaja Kallas, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en voorzitter van de Raad Buitenlandse Zaken

Daarna werd onderzocht hoe de druk op Rusland kan worden opgevoerd, nadat de Raad besloot Rusland op de lijst van landen met een risico op witwassen te plaatsen. Ook de lening van € 90 miljard en het 20e sanctiepakket kwamen aan bod.

De ministers gingen in op de afronding van de EU-bijdragen aan de veiligheidsgaranties voor Oekraïne, op de uitbreiding van de militaire opleiding naar Oekraïens grondgebied, en op steun voor de Oekraïense defensie-industrie.

Volgens de hoge vertegenwoordiger blijft verantwoordingsplicht fundamenteel. Daarom wees de EU vorige week de eerste € 10 miljoen toe om een Speciaal Tribunaal voor het Misdrijf Agressie tegen Oekraïne in te stellen.

Tot slot sanctioneerde de Raad 6 personen vanwege Ruslands aanhoudende hybride activiteiten, waaronder buitenlandse informatie­­manipulatie en inmenging (FIMI) tegen de EU, haar lidstaten en partners.

Situatie in het Midden-Oosten

De ministers wisselden van gedachten over de situatie in het Midden-Oosten. Het eerste punt was Iran, vanwege de recente golf van gewelddadige onderdrukking van dissidenten en willekeurige aanhoudingen van demonstranten door het Iraanse regime.

De Raad keurde sancties goed tegen 15 personen en 6 entiteiten die betrokken zijn bij gewelddaden, willekeurige aanhoudingen en intimidatietactieken tegen Iraanse burgers. Daarnaast legde de Raad in het kader van de drone- en raketregeling beperkende maatregelen op vanwege Irans steun aan Ruslands aanvalsoorlog tegen Oekraïne.

In Iran heeft het verschrikkelijke optreden tegen demonstranten een zware menselijke tol geëist. Er gelden nu al vergaande EU-sancties. En vandaag hebben de ministers besloten de Iraanse Revolutionaire Garde als terroristische organisatie aan te merken. Daarmee vallen ze in dezelfde categorie als Da'esh, Hamas, Hezbollah en Al-Qaeda. […] Onderdrukking mag niet zonder gevolgen blijven.

Kaja Kallas, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en voorzitter van de Raad Buitenlandse Zaken

Wat Syrië betreft, namen de ministers de ontwikkelingen in het land onder de loep, waaronder het recente uitbreken van geweld in het noordoosten. Ze bekeken wat de EU heeft bereikt qua diplomatieke aanwezigheid en humanitaire steun, maar behandelden ook de gevaren voor de stabiliteit van het land. In het algemeen zijn een inclusieve politieke transitie en een nationaal verzoeningsproces volgens de Raad van cruciaal belang om te voorkomen dat Syrië weer tot instabiliteit vervalt.

Daarnaast bespraken de ministers de bijdrage van de EU aan de uitvoering van het omvattend plan om het Gaza-conflict te beëindigen, nadat de VS op 14 januari 2026 de lancering van de 2e fase ervan aankondigde, met bijzondere aandacht voor veiligheid, governance en wederopbouw.

In deze context gingen de ministers in op vergrote GVDB-betrokkenheid, onder meer door aangepaste mandaten voor de civiele EU-missies EUBAM Rafah en EUPOL COPPS om de Palestijnse civiele politie op te leiden.

De veiligheid van Gaza moet uiteindelijk in handen van de Palestijnen liggen.

Kaja Kallas, hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en voorzitter van de Raad Buitenlandse Zaken

Wat governance betreft, wisselden de ministers van gedachten over de mogelijke rol van de EU in de "Vredesraad", in aansluiting van de informele bijeenkomst van de Europese Raad van 22 januari 2026. De ministers gaven aan bereid te zijn om met de VS samen te werken aan de uitvoering van het omvattend plan om het Gaza-conflict te beëindigen, waarbij een vredesraad zijn missie als overgangsregering uitvoert, overeenkomstig Resolutie 2803 van de VN-Veiligheidsraad.

De Raad besprak voorts de humanitaire situatie in en toegang tot Gaza, met onder meer de registratie van ngo's, de verslechterende situatie op de Westelijke Jordaanoever met steeds meer nederzettingsactiviteiten en geweld, en de EU-steun voor de Palestijnse Autoriteit en het hervormingsprogramma daarvan.

Gebied van de Grote Meren

De Raad boog zich over de situatie in het Grote Merengebied, na de recente escalatie van het geweld in het oosten van de Democratische Republiek Congo.

Als vervolg op hun besprekingen van december bekeken de EU-ministers hoe de EU steun kan verlenen aan vredesinspanningen op basis van het Akkoord van Washington en de Verklaring van Doha, en aan de bemiddelingsinspanningen van de Afrikaanse Unie. Ook gingen ze dieper in op de verslechterende humanitaire situatie, op een grotere diplomatieke betrokkenheid van de EU ter plaatse, en op ondersteuning van het werk betreffende regionale stabilisatie.

Overige besprekingen en besluiten

In het licht van wat er zich momenteel op politiek niveau afspeelt, hield de Raad in beperkte vorm een informele bespreking over de vooruitzichten voor het strategische buitenlandbeleid voor 2026.

Tijdens een werklunch hielden de EU-buitenlandministers een informele gedachtewisseling met Hoge VN-Commissaris voor de mensenrechten Volker Türk. Daarbij ging het over mensenrechten in conflict- en crisissituaties, met bijzondere aandacht voor Oekraïne, het Midden-Oosten en het Grote Merengebied.

De Raad nam ook conclusies aan over de prioriteiten van de Europese Unie in de VN-mensen­rechten­fora in 2026.

De Raad nam voorts sancties aan tegen 7 personen die verantwoordelijk zijn voor geweld en mensenrechtenschendingen in Sudan.

De Raad keurde de tweede bilaterale steunmaatregel voor Armenië goed ter waarde van € 20 miljoen uit de Europese Vredesfaciliteit.

Vergaderstukken

Na afloop (documenten)

Persmededelingen

Persinformatie

Persverantwoordelijke

Bent u geen journalist? Gelieve uw verzoek naar de dienst Voorlichting te sturen.

Accreditatie en persevenementen

Algemene informatie over accreditatie is te vinden op deze pagina.

Media-accreditatie voor internationale toppen buiten de Europese Unie wordt behandeld door de overheidsinstanties van het gastland.

Blijf op de hoogte

Andere zittingen: Raad Buitenlandse Zaken

Bekijk meer vergaderingen

Laatst bijgewerkt: 2 februari 2026