"We gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren. Noodzakelijke cookies zijn nodig om essentiële functies van de website van de Raad te ondersteunen. Optionele cookies helpen ons om anonieme en geaggregeerde statistische overzichten op te stellen, om beter aan uw behoeften te voldoen.
Met uw toestemming gebruiken we cookies voor het genereren van geaggregeerde, anonieme gegevens over het browsegedrag van de gebruikers van onze website. We gebruiken deze gegevens om uw ervaring te verbeteren.
Raad Werkgelegenheid, Sociaal Beleid, Volksgezondheid en Consumentenzaken
Raad Werkgelegenheid, Sociaal Beleid, Volksgezondheid en Consumentenzaken, 12-13 juni 2023
Voornaamste resultaten
Volksgezondheid, 13 juni
Antimicrobiële resistentie
De Raad nam een aanbeveling aan om de strijd in de EU tegen antimicrobiële resistentie (AMR) op te voeren door samenwerking rond menselijke gezondheid, diergezondheid en milieu volgens een "één gezondheid"-benadering.
In deze aanbeveling wordt het verstandig gebruik van antimicrobiële stoffen zoals antibiotica aangemoedigd om te voorkomen dat infectieverwekkende micro-organismen resistent worden.
Doel is het gebruik van antimicrobiële stoffen tussen nu en 2030 terug te dringen, onder meer door met sterkere nationale actieplannen de consumptie van antimicrobiële stoffen te monitoren en door bewustmaking van gezondheidswerkers en het grote publiek.
We mogen niet wegkijken van de dodelijke dreiging die resistente micro-organismen vormen voor de gezondheid. De aanpak van antimicrobiële resistentie is een topprioriteit voor het Zweedse voorzitterschap. Met de aanbeveling van vandaag hebben de EU-landen nu de nodige handvatten om het gebruik van antimicrobiële stoffen te monitoren en tegen te gaan.
Jakob Forssmed, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van Zweden
De ministers werden het eens over een Raadsstandpunt (algemene oriëntatie) over een verordening om het vergoedingenstelsel voor het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) te moderniseren en te vereenvoudigen.
De door het EMA in rekening gebrachte vergoedingen moeten kostengebaseerd worden, en het huidige rechtskader minder ingewikkeld.
Het EMA heeft een solide financiële basis nodig om te kunnen instaan voor de evaluatie van en het toezicht op geneesmiddelen. Ook moeten de nationale bevoegde instanties op duurzame wijze worden vergoed.
De Raad heeft het voorzitterschap opdracht gegeven om op basis van de goedgekeurde algemene oriëntatie onderhandelingen te starten met het Europees Parlement.
De ministers maakten de balans op van de vooruitgang met de verordening tot instelling van een Europese ruimte voor gezondheidsgegevens (EHDS).
Deze wetgeving moet een specifiek kader tot stand brengen dat de veilige uitwisseling van deze gegevens vergemakkelijkt en EU-burgers tegelijk de controle geeft over hun gezondheidsgegevens.
De Raad besprak op basis van een voortgangsverslag van het Zweedse voorzitterschap de stand van zaken van het voorstel voor een verordening over kwaliteits- en veiligheidsnormen voor stoffen van menselijke oorsprong (SoHO) die bestemd zijn voor toepassing op de mens.
Door hoge kwaliteits- en veiligheidsnormen voor SoHo's vast te stellen moet deze verordening de bestaande EU-wetgeving inzake bloed, weefsels en cellen actualiseren en uitbreiden.
Het voorzitterschap en de Commissie praatten de delegaties bij over de stand van de onderhandelingen over een internationale overeenkomst inzake pandemiepreventie, -paraatheid en -respons, en over aanvullende wijzigingen van de Internationale Gezondheidsregeling.
Ook kwam de Commissie met informatie over de onlangs gepubliceerde mededeling over geestelijke gezondheid. Het voorzitterschap sprak over de conferenties die het de afgelopen maanden in dit verband heeft georganiseerd. De Franse delegatie besprak een voorstel voor een Europese Herdenkingsdag voor de slachtoffers van de COVID-19-pandemie. Van het komende Spaanse voorzitterschap was er nieuws over zijn werkprogramma op het gebied van gezondheid. Tot slot spraken de delegaties van België, Ierland, Luxemburg, Nederland en Oostenrijk nog over de toepassing van een op behoeften gebaseerde aanpak van farmaceutische innovatie.
Dit document is momenteel alleen beschikbaar in de volgende talen:
5 redenen om antimicrobiële resistentie (AMR) tegen te gaan (Infographic)
Werkgelegenheid en sociaal beleid, 12 juni
Rechten voor platformwerkers
De ministers werden het eens over een algemene oriëntatie voor een richtlijn ter verbetering van de arbeidsomstandigheden van platformwerkers, zodat de Raad onderhandelingen met het Europees Parlement kan beginnen.
Het doel van de richtlijn platformwerkers is tweeledig. Ten eerste moet de correcte arbeidsstatus van mensen die via digitale arbeidsplatforms werken worden bepaald. Sommigen worden ten onrechte als zelfstandige beschouwd en zouden toegang moeten hebben tot arbeids- en sociale rechten op grond van het EU-recht.
Ten tweede moet de richtlijn de transparantie over het gebruik van algoritmen door digitale arbeidsplatformen vergroten, en zorgen voor menselijk toezicht op belangrijke beslissingen die van invloed zijn op werknemers, en voor de bescherming van hun persoonsgegevens.
Volgens de algemene oriëntatie van de Raad worden platformwerkers die aan ten minste 3 van de 7 criteria voldoen, wettelijk beschouwd als werknemers. Die criteria gaan onder meer over grenzen aan de bedragen die platformwerkers mogen verdienen, regels omtrent hun uiterlijk of gedrag, en beperkingen op hun vrijheid om werk te weigeren.
Is er zo'n wettelijk vermoeden, dan moet het digitale platform aantonen dat er geen arbeidsverhouding bestaat conform het nationale recht en de nationale praktijk.
De kluseconomie heeft ons veel voordelen gebracht, maar dit mag niet ten koste gaan van de rechten van werknemers. De Raad kiest voor een goed evenwicht tussen de bescherming van werknemers en rechtszekerheid voor de platforms die hen in dienst hebben.
Paulina Brandberg, Zweeds minister van Gendergelijkheid en Werk
Platformwerkers in de EU in de schijnwerpers (Infographic)
Normen voor organen voor gelijke behandeling
De ministers van Werkgelegenheid en Sociale Zaken van de EU bereikten overeenstemming over de algemene oriëntaties van de Raad over 2 richtlijnen die de werking van de organen voor gelijke behandeling in de EU moeten versterken.
De nieuwe regels introduceren gemeenschappelijke, EU-brede minimumvereisten op een aantal belangrijke gebieden. Het gaan onder meer om versterkte bevoegdheden om discriminatie te bestrijden, gegarandeerde onafhankelijkheid en meer bevoegdheden om onderzoeken in te stellen en geschillen over discriminatiezaken op te lossen.
De Raad heeft zijn algemene oriëntatie goedgekeurd over nieuwe grenswaarden voor blootstelling op de werkplek aan lood, anorganische loodverbindingen en diisocyanaten.
Langdurige blootstelling aan lood en diisocyanaten kan aanzienlijke gevolgen hebben voor de gezondheid van werknemers. Blootstelling aan lood kan het zenuwstelsel, organen als hart en nieren en het voortplantingsstelsel beschadigen. Diisocyanaten, een groep chemische stoffen die veel worden gebruikt in de industrie, kunnen astma en andere aandoeningen van de luchtwegen veroorzaken.
De nieuwe wetgeving moet de bestaande grenswaarden voor lood aanzienlijk verlagen en voor het eerst grenswaarden voor diisocyanaten invoeren.
Op basis van het voortgangsverslag van het Zweedse voorzitterschap hielden de ministers een oriënterend debat over een voorstel over de toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van personen ongeacht godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid.
Ze bespraken bestaande en nieuwe patronen van discriminatie in het lidstaten en in de hele EU. Ook wisselden ze van gedachten over de mogelijke stappen om de onderhandelingen over de richtlijn gelijke behandeling weer vlot te trekken, en kwamen ze met concrete oplossingen voor de belangrijkste punten: rechtszekerheid, subsidiariteit en uitvoeringskosten.
De ministers hielden een oriënterend debat over het Europees Semester, het EU-kader voor de jaarlijkse coördinatie en monitoring van het economisch, begrotings-, werkgelegenheids- en sociaal beleid. De discussie richtte zich vooral op het voorjaarspakket van het Europees Semester 2023 en de mogelijke opname van een kader voor sociale convergentie in het Europees Semester.
De Raad Epsco gaf ook zijn goedkeuring voor de landspecifieke aanbevelingen en voor de adviezen van het Comité voor de werkgelegenheid en het Comité voor sociale bescherming over de aanbevelingen voor 2023 en hun beoordeling over de uitvoering van de aanbevelingen voor 2022.
Het resultaat van dit debat zal worden meegenomen in de besprekingen van de staatshoofden en regeringsleiders tijdens de bijeenkomst van de Europese Raad op 29-30 juni.
De ministers namen een aanbeveling aan over de versterking van de sociale dialoog in de EU. In deze aanbeveling beschrijft de Raad manieren waarop lidstaten de sociale dialoog en collectieve onderhandelingen op nationaal niveau kunnen vergroten, onder meer door de sociale partners bij de beleidsvorming te betrekken, de voordelen van de sociale dialoog te bevorderen en de capaciteiten van werknemers en werkgeversorganisaties te versterken.
De Raad nam de conclusies aan over de integratie van een gendergelijkheidsperspectief in beleid, programma's en begrotingen. Deze conclusies zijn gebaseerd op een verslag van het Europees Instituut voor gendergelijkheid en pleiten voor doeltreffendere gendermainstreaming in institutionele mechanismen, met name beleid, programma's en begrotingen.
De Raad zet er een aantal manieren in uiteen waarop de lidstaten gendermainstreaming kunnen versterken, onder meer door nationale strategieën voor gendergelijkheid aan te nemen, het verzamelen van naar geslacht uitgesplitste statistische gegevens te bevorderen en te zorgen voor voldoende financiering voor maatregelen om genderongelijkheden te verminderen.
Het Zweedse voorzitterschap verstrekte informatie over 2 lopende wetgevingsdossiers: de richtlijn over de bescherming van werknemers tegen de risico's van blootstelling aan asbest op het werk, en de herziening van de verordeningen over de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels.
Ook vertelde het over een aantal conferenties die Zweden tijdens zijn voorzitterschap over dit thema heeft georganiseerd.
Tot slot presenteerde het aantredende Spaanse voorzitterschap zijn werkprogramma.