"We gebruiken cookies om uw browse-ervaring te verbeteren. Noodzakelijke cookies zijn nodig om essentiële functies van de website van de Raad te ondersteunen. Optionele cookies helpen ons om anonieme en geaggregeerde statistische overzichten op te stellen, om beter aan uw behoeften te voldoen.
Raad Concurrentievermogen (Interne Markt en Industrie), 22 mei 2025
Voornaamste resultaten
Openbare interface voor verklaring van detachering van werknemers
De ministers keurden het Raadsstandpunt (algemene oriëntatie) over de verordening betreffende de elektronische verklaring van de detachering van werknemers goed. Een "gedetacheerde werknemer" wordt door de werkgever tijdelijk naar een andere lidstaat gestuurd om daar een dienst te verlenen. Doel van de verordening is de administratieve lasten voor bedrijven te verminderen door op een gebruikersvriendelijke manier en op afstand elektronische detacheringsverklaringen in te dienen. Via een nieuwe, vrijwillige en gebruikersvriendelijke online-interface kunnen gedetacheerde werknemers op afstand worden geregistreerd.
De overgrote meerderheid van de delegaties stond achter de algemene aanpak en wees op de voordelen van de elektronische verklaring voor administratieve vereenvoudiging, integratie van de eengemaakte markt, vrijheid van verplaatsing, en de bescherming van werknemersrechten. Heel wat ministers herinnerden eraan dat het systeem vrijwillig is en strikt moet worden gecontroleerd door de nationale autoriteiten.
De openbare interface voor gedetacheerde werknemers is een doorbraak op de interne dienstenmarkt. Het zal voortaan sneller, goedkoper en gemakkelijker zijn om geavanceerde digitale technologieën te gebruiken en werknemers naar een andere lidstaat te sturen. Werknemers behouden al hun rechten en de voltooiing van de eengemaakte dienstenmarkt komt een stap dichterbij.
Michał Baranowski, staatssecretaris bij het Poolse ministerie van Economische Ontwikkeling en Technologie
Tijdens een oriënterend debat spraken de ministers over de formulering van op maat gesneden industrieel beleid voor traditioneel sterke industrieën. Het kompas voor concurrentievermogen bevatte meerdere sectorspecifieke vlaggenschipinitiatieven voor belangrijke industrieën, zoals het actieplan voor staal en metaal (gepresenteerd op 19 maart 2025) en industrieel actieplan voor de automobielsector (gepresenteerd op 5 maart). Voor 2025 staat een pakket voor de chemische industrie gepland.
De Raad besprak hoe traditioneel sterke industrieën concurrerender kunnen worden, zonder de klimaatdoelen uit het oog te verliezen. De nadruk lag op een pragmatische benadering, lagere energieprijzen en betere interconnectie-infrastructuur, voorzieningszekerheid van grondstoffen, meer technologische ontwikkeling, en financiering voor de industrie. Veel delegaties wezen op het belang van de vraag naar koolstofarme producten bij overheidsopdrachten, vereenvoudigde wetgeving en minder administratieve lasten, en de bestrijding van oneerlijke concurrentie en koolstoflekkage met de handelsbeschermingsinstrumenten respectievelijk het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie.
Uitvoerend vicevoorzitter voor Welvaart en Industriële Strategie van de Commissie, Stéphane Séjourné, presenteerde de strategie voor de eengemaakte markt. Het college van commissarissen had die de dag voordien goedgekeurd. De strategie is gericht op de "verschrikkelijke 10", de grootste belemmeringen in 10 sectoren waardoor EU-bedrijven niet kunnen uitbreiden naar andere lidstaten. Er is meer ambitie nodig wat betreft diensten, vereenvoudiging en digitalisering, zeker voor kmo's, maar ook meer politieke betrokkenheid. Dat kan door uit elke lidstaat een "sherpa" voor de eengemaakte markt aan te stellen.
De strategie werd positief onthaald. Veel delegaties toonden zich bereid samen te werken om de strategie uit te voeren. De ministers wezen op hun verschillende prioriteiten in de strategie, zoals steun voor kmo's, minder administratieve rompslomp, meer interconnecties voor energie, vervoer en gegevens, digitalisering van procedures, en minder territoriale leveringsbeperkingen.
Dit document is momenteel alleen beschikbaar in de volgende talen:
Overheidsopdrachten: strategische doelstellingen en verdere stappen
De ministers bespraken de rol van overheidsopdrachten als strategisch instrument, met een jaarlijks budget van € 2,3 biljoen en met 250 000 regionale en lokale overheden als belanghebbenden. Het Poolse voorzitterschap had een nota opgesteld om de gesprekken te sturen. Het debat dat daaruit volgde, richtte zich op 2 vragen die het voorzitterschap de ministers had voorgelegd. Enerzijds ging het over de verdere stappen om via overheidsopdrachten de vele en snel veranderende strategische doelstellingen van de EU te verwezenlijken, zoals mededinging, duurzaamheid, veerkracht, innovatie, beveiliging, veiligheid en concurrentievermogen. Anderzijds werd gepolst naar het standpunt van de lidstaten over hoeveel flexibiliteit de nationale autoriteiten moeten krijgen om te beslissen welke doelstellingen na te streven en hoe.
De ministers deelden hun zeer uiteenlopende mening over de verwachte herziening van de EU-wetgeving voor overheidsopdrachten. Alle delegaties en de Commissie wezen erop dat het bestaande Europese kader aan vereenvoudiging toe is, met minder wetten, meer digitale instrumenten en duidelijkere regels. Ook werd besproken welke strategische EU-doelstellingen (onder meer op het gebied van milieu, sociaal beleid, economische soevereiniteit en nationale veiligheid) via overheidsopdrachten kunnen worden bereikt, en of en wanneer een EU-voorkeursclausule aan de orde zou zijn. Volgens veel delegaties moeten nationale, regionale en lokale aanbestedende diensten voldoende flexibiliteit hebben om de nieuwe sectorale criteria, waaronder de EU-voorkeur, toe te passen op basis van hun specifieke behoeften. Ze stuurden een sterk signaal dat de herziening gericht moet zijn op de vereenvoudiging van de aanbestedingsprocedures op EU-niveau, ook wel "hoe te kopen" genoemd, terwijl de aanbestedende diensten de keuze hebben om te beslissen "wat te kopen".
Raad als bureaucratische filter
De ministers hielden een tweede oriënterend debat over hoe het wetgevingsproces bedrijfsvriendelijker kan worden gemaakt. In zijn conclusies van 20 maart 2025 benadrukte de Europese Raad dat de administratieve lasten, de regeldruk en de rapportagelasten dringend eenvoudiger en drastisch omlaag moeten. Hij riep op tot gestroomlijnde EU-wetgeving waarmee een duidelijk, eenvoudig, slim en innovatievriendelijk regelgevingskader wordt bevorderd. De EU-regelgeving moet bevorderlijk zijn voor het concurrentievermogen. Dat staat als eerste horizontale katalysator in het kompas voor concurrentievermogen, dat in januari 2025 is gepresenteerd. Er lagen 2 punten op tafel: hoe de Raad zijn eigen beginselen van beter wetgeven kan toepassen, en hoe de Raad in de praktijk de bureaucratie kan wegfilteren door in te zetten op een bedrijfsvriendelijke regelgeving.
Iedereen was het ermee eens dat betere regelgeving en eenvoudigere processen bovenaan moeten staan voor alle EU-instellingen: de Commissie, het Parlement en de Raad. Veel delegaties opperden oplossingen om het wetgevingsproces te verbeteren. Voorbeelden zijn breed overleg met belanghebbenden, grondige effectbeoordelingen (ook voor ingrijpende wijzigingen), en evaluaties van de gevolgen van wetgeving, vooral voor kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's). Sommige delegaties pleitten ervoor beginselen toe te passen zoals evenredigheid, subsidiariteit en "one in, one out" (bestaande wetgeving verdwijnt bij nieuwe voorstellen), zodat nieuwe wetgeving doeltreffend en niet omslachtig is. Het voorzitterschap bevestigde dat beter wetgeven een prioriteit blijft voor de trojka.
Diversen
De ministers kregen voorts nog de volgende informatie:
van het Poolse voorzitterschap, een stand van zaken van wetgevingsvoorstellen die tijdens het voorzitterschap zijn behandeld:
verordening betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties
richtlijn betreffende Europese grensoverschrijdende verenigingen
verordening betreffende de verlening van dwanglicenties voor crisisbeheersing
verordening betreffende de veiligheid van speelgoed
verordening betreffende detergentia en oppervlakteactieve stoffen
van de Tsjechische, de Franse, de Duitse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Portugese, de Slowaakse en de Spaanse delegatie, de herinnering dat de besprekingen over de verordening betreffende standaardessentiële octrooien (SEP's) moeten worden voortgezet
van de Franse delegatie, informatie over de snelle uitvoering van het actieplan voor de Europese automobielsector, met inbegrip van steun voor de Europese waardeketen voor batterijen
nog van de Franse delegatie, informatie over het mobiliseren van financiering voor de industrie en de strategische autonomie van de EU, op Europees en nationaal niveau
als derde informatiepunt van de Franse delegatie, de verhoging van de douanerechten door de Amerikaanse autoriteiten, maatregelen ter bescherming van de EU-markt tegen overcapaciteit
van de Deense delegatie, informatie over het werkprogramma van het aantredende voorzitterschap op het gebied van interne markt en industrie
Tot slot nam de Raad de A-punten van niet-wetgevende aard zonder debat aan.